Wie de koersnotering van de CBvS volgt zoals
ze in De Ware Tijd gepubliceerd wordt, zal hebben opgemerkt dat vanaf dinsdag
30 maart de koersmarges tussen de aankoop- en de verkoopkoersen zijn verhoogd
met 40 à 50 procent. De marge op de Amerikaanse dollar is met vijf
gulden gestegen van tien naar vijftien gulden, de marge op de Nederlandse
gulden is met twee gulden gestegen. De marge op het Britse pond sterling
is gestegen met zo'n acht gulden, terwijl de marge op de Franse frank nagenoeg
gelijk is gebleven op drie gulden.
WINSTBEJAG EEN SLECHT
SIGNAAL
De verhoging is voor niemand anders bestemd dan
voor de CBvS zelf. De CBvS wil een grotere winst halen uit het doorverkopen
van de deviezen. De verhoging gebeurt dus uit puur eigen winstbejag van
de CBvS. Met wisselkoersstabilisatie heeft het niets te maken, want de
aankoopkoers is er niet bij betrokken. Voor de weelde die men bij de CBvS
wil ophouden moet de hele samenleving opdraaien door duurder voor de harde
valuta te moeten betalen. Dat is een slecht signaal naar de valutamarkt
toe omdat het aangeeft, dat de CBvS er geen probleem mee heeft om terwille
van eigen gewin een extra stoot aan de inflatie te geven in de vorm van
prijsstijgingen over de hele linie.
LEVENSONDERHOUD DUURDER
Want de duurdere deviezen hebben een vrijwel
direct effect op de prijzen die daardoor ook omhoog gaan. Zo is het de
CBvS die het levensonderhoud in dit land weer een flink stuk duurder maakt.
Dat doet de CBvS in strijd met haar taak om te waken voor behoud van de
koopkracht van ons geld. Erger nog, zij zelf ondergraaft en holt die koopkracht
uit door mee te doen aan het opdrijven van het prijsniveau. Het is volstrekt
onbegrijpelijk dat de CBvS uit winstbejag zo'n verhoging juist nu doorvoert,
terwijl de mensen het al zo moeilijk hebben en het zo slecht gaat in het
land. Wie stelt zulke absurde prioriteiten? In april wordt de broodprijs
verhoogd en gaan de tarieven van de omzetbelasting, van water, elektriciteit
en telefoon omhoog. Al deze verhogingen worden doorberekend in de prijzen.
En stilletjes kruipt de CBvS erbij met de verhoging van haar koersmarges.
CbvS GECAPITULEERD
Omdat de CBvS niet meer bij machte is om met
harde valuta over de brug te komen, heeft de parallelmarkt de leidende
rol in de valutahandel weer opgenomen. Dat gebeurt ondanks de strenge bekendmakingen
van de deviezencommissie, de razzia's van de politie en de acties van het
niet op een wettelijke leest geschoeide dreamteam van president Wijdenbosch,
het Joint Operation Team dat met zoveel fanfare was geïnstalleerd
voor het bestrijden van wat de president onder economische criminaliteit
wil verstaan.
Wat de doorsnee burger niet weet is dat de CBvS
is gecapituleerd voor de parallelmarkt. Vanuit de CBvS is namelijk toestemming
gegeven voor zogenaamde "matching deals". Dat zijn deals waarbij een deviezenbank
voor rekening van een klant bemiddelt en vreemde valuta opkoopt in het
informele circuit van de parallelmarkt tegen een koers die de klant bereid
is te betalen. De CBvS heeft zwart op wit richtlijnen gegeven voor dit
soort deals. Eén van de richtlijnen zegt dat "matching deals" alleen
mogen worden afgesloten voor betaling van importen van goederen en diensten.
Een andere richtlijn houdt in dat de bandbreedte van 3 procent -naar boven
of naar beneden- niet van toepassing is bij aankoop- en verkooptransacties
in het kader van "matching deals". Weer een andere richtlijn verplicht
de banken om de matching transacties op de gebruikelijke wijze te rapporteren
aan de CBvS en om daarnaast separaat melding te doen aan de afdeling Deviezenbeleid,
met opgaaf van de naam van de klant, vergunningnummer, koers en bedrag.
MATCHING DEALS VOORLOPER
VAN E.A. HANDEL?
Hoezeer de "matching deals" ook in een dringende
behoefte voorzien en onvermijdelijk zijn geworden, hun effect is nu eenmaal
dat de parallelmarktkoersen via deze deals worden doorberekend in de consumentenprijzen
en het dagelijkse leven alsmaar duurder en duurder maken. Een spiraal van
stijgende prijzen komt hierdoor op ons af. Wie weet komt de tijd van de
E.A.-handel terug met al haar excessen. In zo'n sfeer is het flagrant ongepast
dat de CBvS hogere winsten wil persen uit de koersmarges en zodoende gewetenloos
de ellende en misère waaronder het volk momenteel gebukt gaat te
verergeren.
INTERPELLATIE DERBY OVER AFKOOP STRAFVERVOLGING GOEDSCHALK
Het assembléelid Fred Derby (NF/SPA)
heeft een interpellatievoorstel bij de voorzitter van De Nationale Assemblée
ingediend over de recente afkoop van strafvervolging in Nederland door
de president van de Centrale Bank van Suriname Drs. Henk Goedschalk. Lijkt
de zaak met die afkoop voor Nederland afgedaan, voor Suriname is de kous
nog lang niet af.
SCHULDBEKENTENIS
Voor menigeen in de samenleving was de afkoop
de bevestiging van een verdenking waaronder Goedschalk reeds lang stond
dat hij zich had schuldig gemaakt aan een strafbaar feit, een economisch
delict van het hebben aangenomen van smeergelden in de Begro/ Insulair
affaire van enkele jaren geleden. Het ontslag dat Goedschalk in 1993 als
president van de Centrale Bank van Suriname kreeg van de NF-regering Vene-tiaan/Adjodhia
stond zijdelings ook in verband met deze smeergeldenzaak. Door de afkoop
is nu onomstotelijk komen vast te staan, dat Goedschalk in ieder geval
ontvankelijk is geweest voor strafvervolging door de Nederlandse justitie.
Dat hij die vervolging niet in de rechtszaal heeft aangevochten maar haar
buiten proces heeft afgekocht en zo heeft weten te ontlopen, staat inhoudelijk
gelijk aan het hebben afgelegd van een volmondige schuldbekentenis van
wat hem ten laste werd gelegd. Voor de Centrale Bank van Suriname een schandelijke
blamage.
BENADEELDE PARTIJ
De handelaren van Begro en Insulair redeneerden
dat het voordeel van de ene, het nadeel van de andere moet zijn. Aan de
ene kant betaalden ze grif de smeergelden aan hoge Surinaamse functionarissen
om de leveringsorders van de Staat toegewezen te krijgen. Aan de andere
kant lieten ze nadat de contracten eenmaal in de wacht waren gesleept,
de betaalde smeergelden weer aan zich terugvloeien door die gewoon in hun
prijzen door te berekenen aan de Surinaamse Staat. De Staat op zijn beurt
heeft de goederen voor algemene consumptie laten distribueren. De benadeelde
partij werd uiteindelijk niemand anders dan de Surinaamse consument. Deze
heeft dieper in zijn zak moeten tasten om de smeergeldontvangers hun corruptieloon
te laten opstrijken. Al zou een gedeelte van de smeergelden in een enkel
geval zijn gebruikt voor afkoop van een strafvervolging, neemt dat niets
weg van het feit dat de Surinaamse consument de gedupeerde partij is, die
het gelag heeft moeten betalen. Het voordeel van de smeergeldontvangers
was het nadeel van de Surinaamse consument.
LAAKBAAR GEDRAG NIET
TOLEREREN
Met de afkoop van zijn strafvervolging staat
nu buiten kijf dat Goedschalk zijn publieke functie als president van de
Centrale Bank van Suriname had misbruikt voor een persoonlijk gewin. Een
bankpresident die zich in zijn hoge functie daaraan schuldig maakt, heeft
zich ontvankelijk getoond voor omkoping, smeergelden of strafrechtelijk
vervolgbare feiten. Zijn gedrag is laakbaar en vormt een ondragelijke corruptieve
belasting voor de Centrale Bank waaraan hij leiding moet geven. Zo'n bankpresident
is een grote schande voor zijn bank en voor zijn land. Hij is gewoon niet
te handhaven in zijn functie. In deze geest brengt het assembléelid
Fred Derby het ook onder woorden door in zijn interpellatievoorstel te
stellen dat Goedschalk zich niet onkreukbaar en corruptiebestendig heeft
getoond. Zijn prestige als bankpresident en zijn integriteit als persoon
zouden ernstig zijn ondermijnd, in die mate dat zulks van zeer ongunstige
invloed kan zijn op het aanzien, de waardigheid en de goede naam van de
Centrale Bank van Suriname als instituut, in eigen land en in de wereld.
Dit is een groot Surinaams belang dat nu naar voren springt door de wijze
waarop de strafvervolging in Nederland is afgekocht.
SURINAAMS BELANG
Als de kaarten zo op tafel liggen kan de regering
Wijdenbosch het Surinaams belang niet anders dienen dan de Centrale Bank
van Suriname te ontdoen van Goedschalk. Op die manier kan het odium worden
ver-dreven dat op de bank blijft rusten door diens strafvervolgingsafkoop.
In de moderne visie van de internationale instellingen, moet in zulke gevallen
desnoods via een rechter-lijk vonnis het persoonlijk voordeel ontnomen
worden aan degene die zich onrechtmatig door misbruik van zijn functie
heeft begunstigd. De regering is het aan de Surinaamse burger en aan de
Surinaamse consument die benadeeld werd verplicht, zich ernstig over deze
zaak te buigen.
MARKTCONFORME
KOERS
IS ROOKGORDIJN
Eind vorig jaar kwam als een donderslag bij heldere
hemel de mededeling van de overheid, dat per 1 januari 1999 de marktconforme
wisselkoers voor vreemde valuta zou worden gehanteerd. Nu, ruim drie maanden
later kan na een evaluatie worden vastgesteld, dat de koersen alles behalve
marktconform zijn.Een marktconforme koers wordt bepaald door de vrije werking
van vraag en aanbod. Hierbij is er geen enkele bemoeienis van de overheid.
Het systeem van de marktconforme koers laat geen enkele ruimte voor een
richtkoers. Sinds de introductie van dit systeem in Suriname aan het begin
van dit jaar wordt er wel een richtkoers door de Centrale Bank van Suriname
vastgesteld. Het resultaat is, dat de discrepantie tussen richt- en marktkoers
enorm is.
ROOKGORDIJN
Financiële deskundigen zijn van oordeel
dat de Centrale Bank de richtkoers hanteert als rookgordijn, om andere
zaken, die het daglicht schuwen te realiseren. Want, wordt gesteld, exporteurs
moeten hun verdiende dollars bij de Centrale Bank van Suriname inleveren,
terwijl dezelfde Centrale Bank niet over dollars blijkt te beschikken,
wanneer de exporteurs weer dollars nodig hebben. De exporteur wordt in
zijn eigen vet gebakken door de Centrale Bank van Suriname. Om weer aan
dollars te komen zal meer dan Sf 1000,- voor een dollar moeten worden neergeteld.
In feite komt het erop neer dat er na 1 januari 1999, dus na de introductie
van de marktconforme koers niets is veranderd, ten opzichte van de periode
daarvoor. Het enige verschil is dat zaken zich thans op een hoger nominaal
niveau voltrekken.
FUNCTIE
Binnen het systeem van de marktconforme wisselkoers
kan de richtkoers slechts één functie hebben, namelijk wanneer
die dienst doet als douanekoers. Als de koers namelijk van dag op dag verandert,
wordt het moeilijk het tarief voor invoerrechten te bepalen. Er is dus
behoefte aan een door de overheid vastgestelde douanekoers. Meestal is
die koers gelijk aan het gemiddelde van een bepaald aantal dagen.
GEEN VERPLICHTING
De overheid heeft in het systeem van de vrije
marktkoers geen enkele verplichting om dollars ter beschikking te stellen,
van wie dan ook. In Suriname krijgt de overheid dollars uit de bauxiet-
en aardoliesector, terwijl ze te zijner tijd ook dollars uit de goudindustrie
verwacht te ontvangen. Deze vreemde valuta kunnen primair worden aangewend
om de eigen behoefte te dekken. De dollars die overblijven kunnen dan ter
beschikking worden gesteld van de algemene banken.
POGING
Op dit moment is er sprake van alles behalve
een systeem van een marktconforme koers in Suriname. Wat er aan de hand
is, volgens top financiële deskundigen is, dat door de Centrale Bank
van Suriname verwoede pogingen worden gedaan de koers te brengen naar een
door haar gewenst niveau. In dat geval zou de Centrale Bank over veel dollars
moeten beschikken, wat absoluut niet het geval is.
VALSE VOORWENDSELS
Zoals eerder gesteld kan binnen het systeem van
de marktconforme wisselkoers, de richtkoers slechts één functie
hebben, namelijk als douanekoers. Dat het systeem binnen de Surinaamse
situatie onder valse voorwendsels wordt gehanteerd, blijkt nogmaals als
in beschouwing wordt genomen dat de richtkoers van de Centrale Bank van
Suriname naast de Douane, slechts door de Belastingdienst wordt gehanteerd.
De Belastingdienst hanteert dus een koers van rond de Sf 750,- per dollar,
terwijl de handelaar de dollars voor meer dan Sf 1000,- heeft aangeschaft.
Het verschil tussen de twee koersen wordt door de belastingdienst als winst
van de handelaar beschouwd. De ondernemer wordt dus moedwillig benadeeld
door de overheid. Om de schade die hierdoor wordt geleden op te vangen
worden de verliezen afgewenteld op de consument. Het volk wordt op die
manier uitgebuit. De burgers worden dan eenvoudig het slachtoffer van een
ondeskundig beleid.
VOORTZETTING KOEHANDEL BINNEN BVD
De nationale pers heeft de afgelopen dagen en
weken veel aandacht besteed aan de perikelen binnen de B.V.D. Begrijpelijk,
de B.V.D. kan op dit ogenblik een belangrijke rol spelen om deze regering
naar huis te sturen. De voorzitter van het parlement heeft bij verschillende
gelegenheden te kennen gegeven, dat de 3 parlementariërs van de B.V.D.
de coalitie zullen blijven steunen. Met deze uitspraak is het voortbestaan
van de coalitie niet in gevaar.
Deze volksvertegenwoordigers hebben het vertrouwen
in het hoofdbestuur opgezegd en eisen dat ministers die niet volksgericht
werken, onmiddellijk moeten opstappen. Verder moet er een einde komen aan
alle onderhandse vergunningen. Een zeer nobele daad op het eerste gezicht;
elke Surinamer wil een democratische rechtsstaat hebben waar een ieder
op een eerlijke manier gelijke ontplooiingskansen krijgt. In dit artikel
zal ik proberen de historie in te duiken om het ontstaan van de B.V.D.
te ver-klaren, om u meer inzicht te geven met welke politici wij op dit
ogenblik in Suriname te make hebben en hoe serieus moeten wij hun stoere
uitspraken nog nemen.
HET ONTSTAAN VAN DE BVD
De Surinaamse pers houdt de Surinaamse gemeenschap
over het algemeen goed op de hoogte van de politieke ontwikkelingen in
Suriname, maar na een tijdje vergeten wij een aantal dingen dat in het
verleden gebeurd is. Het Front voor Democratie en Ontwikkeling heeft bij
de algemene verkiezingen in 1996 in totaal 24 zetels behaald. De totale
uitslag van de verkiezingen, ter opfrissing, zag er alsvolgt uit:
Partij aantal stemmen perc. (%)
N.D.P. 16 45.380 26,21
Pendawalima 4 16.011 9,25
DA-91 4 22.637 13,08
Alliantie 3 4.473 8,36
Nieuw Front 24 72,280 41,75
ABOP 0
2,345
1,35
Totaal
51 173.126
100,00
Aan de hand van deze cijfers blijkt, dat het Nieuw
Front alleen de regering niet kon vormen. De Pendawalima en DA-91 waren
bereid om met het Front in zee te gaan. Terwijl men bezig was met de onderhandelingen
om een akkoord te bereiken, waarbij duidelijk werd dat de partners binnen
het Nieuw Front offers moesten brengen en uiteraard ministerszetels moesten
inleveren, voerden enkelen uit de V.H.P. en de K.T.P.I. achter de coulissen
gesprekken met de N.D.P. om een andere coalitie te vormen.
Uiteindelijk is het zover gekomen dat de 5 parlementariërs
uit de V.H.P. en officieel 4 uit de K.T.P.I. en enkelen uit andere partijen
met de N.D.P. een regering gevormd hebben. De Surinaamse gemeenschap moet
voor de historie goed vastleggen, dat de overloop van de ene combinatie
naar een andere combinatie, geen ideologische strijd is geweest. Het betrof
een pure opportunistische overloop.
Verhalen over geen democratie binnen een partij,
of één persoon beslist binnen de partij of politieke dictatuur
binnen de traditionele politieke partijen etc. verwijzen wij naar het rijk
der fabelen. Toen zij ministers en parlementariërs waren, was er geen
vuiltje aan de lucht. Allerlei drogredenen worden nog steeds gebruikt door
academici, bankdirecteurs etc. om hun overloop, verraad en puur opportunistisch
gedrag te rechtvaardigen. Velen hadden al ingezien, dat met de komst van
de P.L. en DA-91 in de nieuwe combinatie de kans om hun slag verder te
slaan, tot het verleden zou behoren. De overlopers en verraders werden
in het begin goed beloond, de K.T.P.I. kreeg er 5 ministersposten, de B.V.D.
kreeg er 4 ministerszetels, de voorzitter van het parlement en de vice-president
etc.
De breuk binnen de B.V.D.
Na het aantreden van de regering in september
1996 heeft de president via een beschikking, alle verantwoordelijkheid
van de ministers op zich genomen. Bij wijze van spreken hoeven de ministers
geen vragen in het parlement te beantwoorden. De president neemt alles
op zich en geeft antwoorden op alle gestelde vragen om zowel de coalitie-
en oppositieleden. De "moeilijke man' van de B.V.D., de minister van financiën
de architect van deze regering, kon zich na een tijdje niet meer conformeren
met het verkwistende financiële beleid van de president. De spanning
liep zo hoog op dat de president, nadat hij kon rekenen op het grootste
deel van de B.V.D. en de K.T.P.I., de architect van deze regering, de voorzitter
van de B.V.D., de minister van financiën heeft ontslagen. Met name
de B.V.D. assembléeleden hebben hun voorzitter in de kou gelaten.
Zie hier het opportunistisch gedrag van politieke vrienden, volksvertegenwoordigers,
strijdmakers, die gezamenlijk de oversteek hadden gedaan. Het is de architect
toch gelukt om met een assembléelid de P.P.P. op de richten om toch
op het politieke toneel te blijven. Een partij die geen volksvertegenwoordigers
in het parlement heeft is een papierenpartij en heeft op het politieke
vlak geen noemenswaardige betekenis.
De strijd binnen de B.V.D.
Nadat de architect van de regering uit de B.V.D.
is verdwenen heeft de eigenaar van de partij zijn "man" als voorzitter
van de B.V.D. laten aanwijzen. Deze eigenaar heeft een turbulent politiek
verleden. Hij heeft met zijn kapitaal de V.H.P. ruim 9 jaren in de wurggreep
gehouden (1987 t/m 1996). Het politieke terrorisme van deze man heeft ertoe
geleid dat velen de V.H.P. hebben verlaten en sinds deze politieke terrorist
vertrokken is keren velen terug en met trots kan ik zeggen, dat de partij
weer als een kool groeit. De eigenaar van de partij zorgt ervoor dat zijn
financiële zaken goed geregeld worden binnen de huidige coalitie.
De onderhandse gunning is meer regel dan uitzondering. Deze meneer zit
dagelijks op het ministerie van Financiën om de dagbalansen te controleren.
Het zou goed zijn als de CBvS ons een keertje vertelt, welke handelaar
tegen de bankkoers de meeste dollars krijgt.
De strijd die de 3 volksvertegenwoordigers zijn aangegaan om een einde te brengen aan de onderhandse gunningen en de ministers die niet volksgericht werken naar huis te sturen, moeten wij niet serieus nemen. Het is meer een storm in een glas water, om de zogenaamde achterban te wijzen, hoe goed zij het met het Surinaamse volk menen. Geen enkele Surinamer heeft in het grijze verleden ook maar een moment gedacht, een dienstwoning van de overheid voor een appel en een ei te kopen.
De 3 volksvertegenwoordigers moeten, als zij eerlijk
willen overkomen, een openbare vergadering aanvragen en een motie van wantrouwen
tegen de ministers aannemen die niet volksgericht werken. Deze parlementariërs
demonstreren continu hun onmacht en hun ondergeschikte positie tegenover
de president. Hun wensenpakket hebben zij bij de president gedeponeerd.
Mijn twijfels over de geestelijke bagage van deze parlementariërs
worden met de dag groter. Bij het indienen van een motie van wantrouwen
tegen een corrupte minister, hebben de parlementariërs geen rekenschap
te geven aan de president. De 3 parlementariërs moeten op hun guivive
zijn omdat de pedagoog ook niet van gisteren is. Deze meneer begint nu
al te schreeuwen: "Ik ben geen B.V.D. minister; we zullen zien wie de langste
adem heeft". Naast opvoedkunde heeft deze meneer zich ook gespecialiseerd
in de overloop- en manipulatiekunde. Nadat deze meneer in 1993 door de
toenmalige president nar huis is gestuurd, vanwege het slecht functioneren
en het bekende melkschandaal, heeft deze meneer de president beschuldigd
van etnocentrisme. Na 3 jaren later ziet de pedagoog kans om op de lijst
van het Nieuw Front geplaatst te worden en dezelfde president die van etnocentrisme
werd beschuldigd, als lijsttrekker te accepteren. Met alle inspanning heeft
hij 280 stemmen behaald. Als coördinator van de V.H.P. in Saramacca
tijdens de afgelopen verkiezingen samen met de K.N.O.-arts en de bekende
cultuurdeskundige-archeoloog, hebben deze mensen een belangrijke rol gespeeld
bij de V.V.V.
De potentie van de B.V.D.
Na 3 jaren moeten wij een evaluatie van de partij
kunnen maken en eveneens de potentie van de partij kunnen beoordelen. In
het eerste jaar werd de architect van deze regering, de minister van financiën,
ontslagen en de ingenieur van openbare werken, de politieke analist, wegens
zijn arrogante en stoere houding opstappen omdat een prominent lid van
de grootste coalitiegenoot, deze politieke analist een tandheelkundige
behandeling wilde geven. Vanwege een incident in een restaurant waarbij
een parlementariër met een pistool werd bedreigd, moest de toenmalige
minister van onderwijs opstappen.
De vice-president heeft duidelijk gezegd dat hij geen B.V.D.-er is, de minister van arbeid, de man van zeven even, tell it like it is, prominent lid van DA-91, grote voorvechter van het monetaire akkoord en gemenebestrelatie, is met 70 geloofsgenoten de B.V.D. gaan versterken om zodoende een ministerspost te kunnen bemachtigen. De archeoloog heeft hem betiteld als de lollige arabier.
De huidige minister van onderwijs heeft eveneens
een overloop gepleegd van de H.P.P. naar de B.V.D. Ruim 25 jaar (vanaf
1973) heeft deze pedagoog de ideologie van de H.P.P. in woord en geschrift
verdedigd en uitgedragen. Tussen 1991 en 1996 is hij volksvertegenwoordiger
van de H.P.P. geweest. Dit ministerie speelt een belangrijke rol om de
morele waarden en normen bij het Surinaamse kind bij te brengen. Kan de
minister het Surinaamse volk vertellen of het waar is, dat dit zijn departement
onderhands voor sf 800.000.000,00 schoolbenodigheden gekocht heeft.
Mogen wij aannemen dat het waar is wat de B.V.D.-parlementariër,
mevrouw Singh, op een persconferentie gezegd heeft over deze onderhandse
gunning. De zogenaamde "progressieven" die de V.H.P. vaarwel gezegd hebben,
hanteren andere waarden en normen om een minister voor te dragen bij de
president. Een ambtenaar die in februari 1981 wegens corruptie werd aangehouden
en deze zaak buiten proces werd afgehandeld, werd tot minister benoemd.
Meneer Calpol BABA e.a. zal ik voorlopig met rust laten. De potentie en
de groei van deze partij, laat ik verder aan de lezers over om daarover
zelf te oordelen. Over 25 maanden hebben wij wederom algemene verkiezingen
en de kiezers moeten zelf beoordelen wie zij als volksvertegenwoordigers
willen hebben.
De serieusheid van de
strijd binnen de B.V.D.
Deze 3 volksvertegenwoordigers worden door het
Surinaamse volk niet serieus genomen. DNA-voorzitster heeft in het verleden
in Nederland gezegd, dat zij maatregelen gaat treffen tegen de vice-president.
Wat is hiervan geworden? Mevrouw de voorzitster zou er ook consequenties
aan verbinden, indien de koers boven de sf 500 voor een dollar zou stijgen,
momenteel is de koers voor een dollar sf 1050,00. Mevrouw de voorzitster
heeft ook meegewerkt dat de voorzitter van de Rekenkamer, drs. Hans Prade,
moest verdwijnen; wat is er nu van de Rekenkamer geworden. De Stalweide
in Nickerie (432 ha) kwam in handen van de latifundista (grootgrondbezitter)
Manglie, wat hebben zij voor de veeboeren in Nickerie gedaan. De heer Jainullah
springt van het ene honk naar het andere; van de V.H.P. naar de B.V.D.;
van de B.V.D. naar de P.P.P.; van de P.P.P. naar een eenmansfractie; blijft
in de oppositie maar ondersteunt de coalitie; op de persconferentie van
2 weken terug zat hij naast mevrouw de voorzitster en voerde als B.V.D.-er
het woord. Wat is de houding van deze volksvertegenwoordigers m.b.t. de
speciale rekening van de president. Nogmaals, hoe serieus moeten wij deze
volksvertegenwoordigers nog nemen en wanneer zal de koehandel binnen de
Surinaamse politiek eindigen?
Hardeo Ramadhin