Suriname en de Inter American Development Bank sloten het vorig jaar een overeenkomst, op basis waarvan Suriname in aanmerking moet komen voor een lening van USD. 30 miljoen. De overeenkomst is op 8 oktober 1998 namens Suriname ondertekend door minister Tjan Gobradhan van financiën en president Henk Goedschalk van de Centrale Bank van Suriname.
In een poging om de samenleving het gevoel te
geven dat het goed zal gaan in Suriname onder de regering, die door hem
wordt geleid, kondigde president Jules Wijdenbosch in november vorig jaar
aan, dat Suriname een lening van USD. 30 miljoen van de IDB zal ontvangen.
Het geld kwam echter nooit.
Om de zaak warm te houden en tijd te winnen, werd
met een zekere regelmaat bekendgemaakt dat het geld in aantocht is. Wat
echter steeds angstvallig werd verzwegen, is dat aan de overeenkomst een
aantal stringente voorwaarden is gekoppeld, waar Suriname aan moet voldoen
om voor het geld in aanmerking te komen. Aangezien de regering Wijdenbosch
absoluut niet in staat is, aan de door de IDB gestelde voorwaarden te voldoen,
kan bijna worden aangenomen dat het geld ook niet zal komen.
VOORWAARDEN
Onder andere is tussen partijen afgesproken,
dat er maatregelen zullen worden genomen om de ontspoorde economie te stabiliseren,
waarbij vooral het forse begrotingstekort dient te worden weggewerkt. Op
basis van de overeenkomst moet het begrotingstekort worden teruggebracht
tot minder dan 3 procent van het Bruto Nationaal Produkt. Als voorwaarde
hierbij geldt dat het tekort niet door monetaire financiering of door quasi
fiscale operaties van de Centrale Bank van Suriname mag worden gefinancierd.
Unificatie van de wisselkoers en het vrij laten zweven van die koers, zijn
eveneens voorwaarden, die door de IDB zijn gesteld. Hiermee wil men bewerkstelligen,
dat eerlijke concurrentieverhoudingen ontstaan en de export wordt gestimuleerd.
Intussen heeft de unificatie reeds plaatsgevonden per 1 januari van dit
jaar.
AFSCHAFFING VERGUNNINGENSTELSEL
Suriname dient op basis van de overeenkomst met
de IDB maatregelen te nemen ter afschaffing van het ondoorzichtige, maar
vooral corruptiegevoelige vergunningenstelsel bij import en export van
goederen en diensten. Aan deze voorwaarde zou reeds vorig jaar moeten zijn
voldaan. Echter verzet, naar wij vernemen, de minister van Handel en Industrie
zich ernstig hiertegen. Na de afschaffing van het vergunningenstelsel,
zullen geen ver gunningen vooraf dienen te worden aangevraagd, maar zal
achteraf rapportage dienen te worden gepleegd van de transacties, die zijn
gepleegd. Het aanvragen van vergunningen zal slechts gelden voor bepaalde
goederen, die op een negatieve lijst zullen worden geplaatst. Voorbeelden
hiervan zijn medicijnen en voedingsmiddelen.
ZWEVENDE KOERS
Suriname en de Inter American Development Bank
zijn overeengekomen dat de vreemde valutamarkt wordt geliberaliseerd, met
dien verstande dat de wisselkoers vrij zal zweven en zal worden geünificeerd.
Verder zal geen vooruitstorting van vreemde valuta plaatsvinden door niet
traditionele exporteurs. Met uitzondering van de bauxietsector zullen exporteurs
vrijelijk over hun verdiende vreemde valuta mogen beschikken. Ten aanzien
van de rijstsector is Suriname met de IDB overeengekomen dat de overheidsbemoeienis
wordt afgebouwd. Er zullen geen minimumprijzen meer worden bepaald voor
de verkoop van padi en exportcargorijst, exportbelastingen zullen worden
afgeschaft en institutionele barrières voor de rijstsector zullen
moeten worden opgeheven. Hetzelfde zal gelden voor de deviezenretentieregelingen.
Tot zover enkele voorwaarden, die door de IDB zijn gesteld aan de regering
van Suriname om in aanmerking te komen voor een lening van USD. 30 miljoen.
Voor de duidelijkheid publiceren wij hieronder de overeenkomst en de voorwaarden,
die zijn overeengekomen op 8 oktober van het afgelopen jaar.
(Klik hier voor copy van IDB agreement)
REGERING WAANT ZICH EIGENAAR ABS
SNO DOET WERK CORRECT
In
ParboCom Daily van woensdag jongstleden verscheen een bericht onder de
kop "REGERING WIL DIRECTEUR ABS ONTHEFFEN". Hierin werd melding
gemaakt van het feit dat de regering heeft beslist, dat het hoofd van Iwan
Sno, directeur van het Algemeen Bureau voor de Statistiek moet rollen.
Aanleiding tot dit besluit was het feit dat de cijfers, die door het Statistiekbureau
worden geproduceerd, niet in het belang van het regeringsbeleid zijn. De
beslissing om Sno te ontheffen zou zijn genomen wegens het feit dat het
ABS na onderzoekingen en berekeningen heeft vastgesteld, dat de inflatiecijfers
over de maanden januari en februari van dit jaar boven de 9 procent liggen.
Hiermee zou het ABS de regering in de wielen hebben
gereden, voor wat betreft de leningsovereenkomst met de Inter American
Development Bank. Met de IDB is namelijk overeengekomen, dat het jaar inflatiecijfer
niet hoger dan 30 procent zal komen te liggen.
MOEITE MET CIJFERS
Naar aanleiding van het bericht in De West, werd
Sno op donderdagmorgen ontboden door de minister van Planning en Ontwikkelingssamenwerking,
Waldi Nain. In aanwezigheid van de directeur van het departement werd Sno
medegedeeld dat de bewindsman bezig is met een onderzoek naar een mogelijk
lek op het Statestiekbureau. Daarop hield Sno de minister voor het bericht
over zijn op handen zijnde ontheffing uit de pers te hebben vernomen. De
bewindsman zei toen, dat de regering inderdaad moeite heeft met de ABS-cijfers
en de wijze waarop die door de directeur worden gepubliceerd, maar dat
nimmer is gesproken over het ontheffen van de directeur van het ABS en
dat het bericht niet van PLOS komt. Ofschoon ik de opvatting huldig "Waar
rook is, moet vuur zijn" beschouw ik deze kwestie voorlopig als afgedaan
en spreek de hoop uit dat ze verder niet storend zal werken op ABS-werkzaamheden,
zegt SNO in een circulaire, die hij donderdag op het ABS aan het personeel
richtte. (Klik hier voor circulaire)
BEWUST
Sno zegt desgevraagd aan Inside Stories, zich
ervan bewust te zijn, dat de cijfers die het Algemeen Bureau voor de Statistiek
produceert zelden naar tevredenheid van een ieder zijn. Sommigen vinden
de cijfers te hoog, terwijl weer anderen vinden dat de data te laag uitvallen.
In elk geval is het nooit de bedoeling om wie dan ook onaangenaam te zijn
met cijfers, die het resultaat zijn van de werkzaamheden van het ABS. Sno
zegt er moeite mee te hebben, dat de cijfers steeds politiek worden vertaald.
Hij zegt sinds zijn aantreden als directeur van het ABS, steeds te hebben
getracht, de politiek buiten de deur te houden. Daarom is het volgens hem
van eminent belang dat de verzelfstandiging van het Algemeen Bureau voor
de Statistiek, zo snel mogelijk een feit wordt. Hierdoor kan de misvatting,
dat het ABS de overheid toebehoort uit de weg worden geruimd. Doordat het
Statistiekbureau onder het ministerie van Planning en Ontwikkelingssamenwerking
valt, ontstaat bij de overheid de indruk dat het ABS in haar belang moet
werken. De cijfers zouden daarom de overheid ook welgevallen moeten zijn.
Indien dat het geval zou zijn, zou volgens SNO het doel van het Algemeen
Bureau voor de Statistiek totaal worden voorbijgestreefd. Dat doel is als
volgt geformuleerd: het Algemeen Bureau voor de Statistiek (ABS) heeft
tot doel: de Surinaamse en internationale gemeenschap voorzien van deugdelijke
statistieken, die inzicht geven in de demografische, economische en sociaal-culturele
situatie en ontwikkeling van Suriname.
HOGE WETENSCHAPPELIJKE
STANDAARDEN
Volgens Sno zorgen de modellen, die het ABS hanteert
bij het uitvoeren van haar werkzaamheden, geen ruimte om de cijfers anders
te interpreteren. Het gaat hierbij om twee modellen: de Special Data Dissemination
Standard van het Internationale Monetaire Fonds en de Fundamental Principal
of Official Statistics van de United Nations Statistics Commission. Deze
twee methoden stellen het ABS in de gelegenheid de statistieken onpartijdig
te produceren. Dit volgens normen, die door de statistiekcommissie van
de Verenigde Naties zijn vastgesteld. Volgens deze normen moeten hoge wetenschappelijke
standaarden worden gehanteerd. Sno zegt zich ervan bewust te zijn, dat
het schort aan het jaarindexcijfer van het ABS. Toch sta ik erachter, omdat
de lange termijnbeweging correct blijft, aldus de ABS directeur. Hij merkt
op dat een willekeurige maandbeweging niet van belang is, omdat die pas
een indicatie van de trend zal weergeven, als die drie maanden aanhoudt.
Indien de regering haar plannen om Iwan Sno de laan uit te sturen inderdaad uitvoert, zullen de consequenties voor Suriname niet te overzien zijn. Buitenlandse investeerders zullen wegblijven en internationale financiële instellingen zullen het land op de zwarte lijst plaatsen. Men zal dan namelijk niet kunnen afgaan op de gegevens die door het Algemeen Bureau voor de Statistiek worden geproduceerd. Sno dreigt het zoveelste slachtoffer te worden van de regering Wijdenbosch. De zoveelste persoon, wiens kop moet rollen, omdat hij zijn werk goed en naar eer en geweten doet. De vraag die dan rijst: durft president Wijdenbosch nog te praten over het begrip 'morele waarden'
ASSEMBLEELID WINSTON JESSURUN:
ALOMVATTENDE CRISIS DOOR GEBREK DEMOCRATISCH GEHALTE
Assembleelid
Winston Jessurun van het Democratisch Alternatief'91 heeft evenals vele
anderen binnen de samenleving, crises waargenomen in haast alle sectoren
van de gemeenschap. De volksvertegenwoordiger zegt ook te hebben ontdekt,
waar de oorzaak van deze alomvattende crisis volgens hem ligt. "Het geringe
democratische gehalte van het bestuur van het land".
De talrijke problemen waar Suriname op dit moment
mee wordt geconfronteerd, kunnen volgens Jessurun gedeeltelijk worden opgelost
door terug te gaan naar het fundament. Hieronder verstaat hij het aanpakken
van de bestuursvorm, zoals aangegeven in de Grondwet van de Republiek Suriname.
BENEDEN NIVEAU
Indien dat niet gebeurt, zal na elke verkiezing
het land een parlement krijgen, dat ver beneden niveau functioneert. Thans,
aldus Jessurun kan elke willekeurige parlementariër een standpunt
innemen, dat afwijkt van het algemene standpunt dat zijn of haar fractie
inneemt. Het irriterende hiervan is, dat men vaak niet eens weet waar hetgeen
men behandelt over gaat. Door het gebrek aan niveau, geven volksvertegenwoordigers
vaak hun inspraak in het beleid uit handen. Dit moet naar het oordeel van
Jessurun worden toegeschreven aan een te laag functioneringsniveau en daardoor
onvoldoende besef dat men de regering kritisch moet begeleiden.
NAAR OUDE SYSTEEM
Hoe vang je dit op? Volgens Winston Jessurun
is het niet zo moeilijk om een antwoord op deze vraag te formuleren. We
moeten terug naar het oude systeem van de parlementaire democratie. Suriname
moet weer een ceremoniële president krijgen, met een premier, die
gemakkelijk kan reizen. Zodoende hoeft er niet steeds een staatsbezoek,
met alles erop en eraan te worden georganiseerd, als de leider van de regering
moet reizen. Daarnaast, aldus Jessurun, zal wanneer het oude systeem is
geherintroduceerd, het parlement de regering bij gewone meerderheid naar
huis kunnen sturen. Ook de kiesregeling zal volgens hem drastisch moeten
worden herzien. Zo zal de bepaling dat een kandidaat bij de verkiezingen
twee jaren moet hebben gewoond in het desbetreffende district, moeten worden
geschrapt.
EMOTIONEEL GEDREVEN
Jessurun zegt in de afgelopen tweeeneenhalf jaar
steeds te hebben gedacht, dat er ergens aan de overkant van de tafel toch
nog enig gezond verstand moest zijn. Maar steeds is gebleken dat dit niet
waar is, aldus Jessurun. Men is tot op dit moment niet verder gekomen dan
emotioneel gedreven besluiten. Daarom is het thans de hoogste tijd, dat
er in brede kring wordt nagedacht over het aanpakken van de basis, waarop
onze bestuursvorm is gebaseerd. Het huidig systeem levert een aantal gekozenen
met een laag moreel gehalte op. Doordat ze vaak omkoopbaar zijn, zal bij
handhaving van het huidig systeem, na elke verkiezing de regering worden
gevormd door de hoogste bieder en niet door de partij, die meeste zetels
heeft weten te vergaren, aldus Jessurun.