Jaarrede 1998

Toespraak van de president van de Republiek Suriname, z.e. Jules Albert Wijdenbosch ter gelegenheid van de jaarwisseling, op woensdag 31 december 1997

Landgenoten,

Het is een wereldwijde traditie dat Staatshoofden en regeringsleiders bij het inluiden van het nieuwe jaar gelukwensen uitspraken voor dat jaar op het adres van het volk van hun respectieve landen.

Ook op mij als Staatshoofd van de Republiek Suriname rust die dankbare plicht om U, volk van Suriname, vandaag 31 december 1997 met mijn toespraak te begeleiden naar het jaar 1998. Waar het bij de jaarwisseling 1997 - 1998 wederom moet gaan is meer om geluk wensen aan het Surinaamse volk, dat uitzicht op een betere toekomst verdient, dan om de traditie.

Gelukwensen door mij vanuit mijn ambtsvervulling uitgesproken, moeten uitzicht en perspectief in zich dragen en moeten oriëntatie op de toekomst van ons land mogelijk maken.

Suriname is bezig weer een land te worden waarin de Surinamer trots is om er te wonen en te werken en een land waarbij het proces van maatschappelijke harmonisering een leidend proces moet blijven. Een land met toekomstmogelijkheden voor de komende generaties. Een land met een ontwikkelingsproces dat nationale waardigheid en identiteit in zich draagt.

Hiertoe moet door mij voor het jaar 1998 een hernieuwde oproep aan het geheel Surinaamse volk worden gedaan de gelederen te sluiten om zodoende te bewerkstelligen dat groei, ontwikkeling en maatschappelijke harmonisering als doorslaggevende factoren een levende werkelijkheid worden om etnische tegenstellingen plaatsmaken voor maatschappelijk eensgezind optreden; dat politieke pluriformiteit behouden blijft zonder dat politieke verdeeldheid onder het Surinaamse volk positieve ontwikkelingen afremt en illusoir maakt; dat het Surinaamse volk in al zijn economische potentie en ontwikkelingsaspiraties wordt erkend, gerespecteerd en gewaardeerd; dat de veiligheid van iedere burger gegarandeerd moet zijn; dat de minimale bestaanszekerheid van iedere burger structureel gegarandeerd kan worden; dat de productie en de export alom hoge prioriteit zullen krijgen en eveneens voldoende aanspraak zullen kunnen maken op gepaste beleidsaandacht vanuit de regering.

Landgenoten,

Wij hebben pas een vredig kerstfeest mogen vieren in een schone en kunstzinnig fraai verlichte stad. Zoveel licht zou men moeten opvatten als evenzovele positieve verlangens en uitingen en zovele smeekbeden aan de Almachtige dat wij geleid worden niet door wantrouwen, haat en nijd en bittere innerlijke strijd maar door sociale gerechtigheid en liefde voor elkaar op zoek naar een perspectiefvolle toekomst voor Suriname.

Een basisvoorwaarde om hier inhoud aan te kunnen geven is dat het besef dat morele stabiliteit de peiler is waarop men zich moet richten daadwerkelijk moet doordringen en waar nog niet aanwezig, moet worden aangewakkerd.

De groei van dit besef zal ook in het jaar 1998 worden gestimuleerd. Morele stabiliteit wordt wereldwijd erkend als drager van een samenleving en voor wat ons betreft de grondslag zal moeten vormen voor waard en normbesef en nationale verzoening.

Een andere belangrijke peiler welke de wereld van vandaag beheerst, is duurzame menselijke ontwikkeling.

Duurzame ontwikkeling betekent het vinden en behouden van het juiste evenwicht tussen accenten op economische-, sociale- en milieu factoren, aspecten en/of elementen,waarbij de ene factor niet ten koste mag gaan van het andere. Suriname is een potentieel rijk land. Wat in het regeringsbeleid centraal staat en steeds centraal moet staan is het streven om het maximale rendement te halen uit ons rijk ontwikkelingspotentieel.

Ontwikkelingsdoelen zijn van nationale betekenis. Het realiseren van deze doelen is een sociaal maatschappelijke opdracht die niet middels onderlinge strijd en tegenwerking, maar slechts via samenwerking en door middel van harmonie en eensgezindheid succesvol kan worden uitgevoerd.

Landgenoten,

Voor de regering is het jaar 1998 voor wat de bijzondere concentratie gebieden betreft het jaar van de productie van het Jongerenbeleid, van de decentralisatie van regeling en bestuur van de instelling van de Staatsombudsman.

Productie

De regering heeft een nationale productieregime aangekondigd, ter voorbereiding waarvan in het nieuwe jaar tot instelling van een Productieraad zal worden overgegaan.

Jongeren

In het nieuwe jaar zal worden gewerkt aan de opstelling van een strategisch plan nationaal jongerenbeleid als basis voor een geïntegreerd jongeren ontwikkelingsbeleid. In de eerste helft van het nieuwe jaar zal worden overgegaan tot het instellen van een Jongeren Instituut. Gezien de bijzondere betekenis die de regering toekent aan het Jongerenbeleid zal ik onverminderd de eigenverantwoordelijkheid van de Minister aan wie de directe zorg voor dit beleidsgebied is opgedragen, op dit vlak bijzondere aandacht hebben voor dit instituut.

Decentralisatie

De regering zal het gedecentraliseerd besturen op onderscheidene niveau's, territoriaal, functioneel en waar nodig sectoraal in het nieuwe jaar krachtig ondersteunen, in dit kader zal worden gewerkt aan de instelling van regionale vormingscentra, de ontwikkeling van programma's gericht op lokale bestuursvoering, trainingen ter versterking van de dagelijkse besturen in de distrikten, secretariële versterking, programma ter ondersteuning en versterking van de plantagebesturen. De voortgang met de instelling van waterschapsraden, de evaluatie van dit proces en nodige bijstellingen en het introduceren van waterschappen als gedecentraliseerde eenheden moeten ook gezien worden als elementen van het voorgestane ontwikkelingsbestuur, zijnde een cruciaal onderdeel van het programma van nationale reconstructie.

Eveneens in dit kader, maar danwel sectoraal, past de instelling van de Sociaal Economische Raad, waarvan het voorbereidend werk in tripartit overleg heeft plaatsgevonden.

Ook ten aanzien van het gedrag van de overheid jegens haar burgers zijn in het nieuwe jaar veranderingen te verwachten. Reeds is een eerste concept gereed met betrekking tot de instelling van het ambt van Nationale Ombudsman. Deze Ombudsman zal een onafhankelijke onderzoeksfunctionaris zijn, bevoegd om klachten van burgers te onderzoeken met betrekking tot overheidshandelen dat als onbehoorlijk wordt ervaren. De regering verwacht dat de samenleving de Ombudsman zullen aanvaarden als een extra waarborg ter versterking van onze democratische rechtsstaat.

De Nationale Reconstructie

De nationale reconstructie is een regime dat perspectief in zich draagt en mogelijkheden zal scheppen om het maximale rendement te halen met onze ontwikkelingsmogelijkheden.

Meer dan in het achter ons liggend jaar het geval is geweest, zal dit regime in 1998 aan de Nationale Assemblee ter goedkeuring worden aangeboden.

De resultaten van de nationale inspanningen zullen alsvolgt worden toegekend:

* 50% naar de productie

* 25% naar de sociale sector

* 25% naar de infrastructuur

De fondsinrichting die in dit kader reeds in 1997 is totstandgekomen zal in 1998 worden geëvalueerd en effectiever worden gemaakt naar de genoemde gebieden toe.

Dit zijn tot op dit moment, het:

a. productiefinancieringsfonds

b. het woningsbouwfonds

c. het agrarisch fonds

d. het bruggenfonds.

 

Landgenoten,

Bij de presentatie van de begroting voor het dienstjaar 1998 heb ik in De Nationale Assemblee reeds uiteengezet welke de activiteiten zijn die op de diverse beleidsterreinen in het nieuwe jaar mogen worden verwacht. Ik wil ze even kort als volgt resumeren:

Sociale Compensatie

Ook aan het einde van 1997 moet ik vaststellen dat minimale bestaansgarantie voorbepaalde groepen in ons land, nog niet structureel gegarandeerd is.

In termen van sociale politiek die de mens centraal stelt zal meer dan tot nog toe het geval is geweest de consequentie door de overheid getrokken worden en zal in 1998 binnen de budgettaire mogelijkheden de sociale schuld die velen in de samenwerking getroffen heeft, gaande weg daadwerkelijk worden vereffend.

Er zal in het komend jaar een speciale task force voor dit doel worden ingesteld.

Internationale en regionale overkomsten

De regering zal voortgaan met het buitenlandsbeleid volgens de beleidslijnen zoals aangegeven in de presentatie bij de aanbieding van de begroting voor het dienstjaar 1998 op 1 oktober van dit jaar.

In 1998 zal het buitenlandsbeleid er vooral opgericht zijn om onze nogsteeds fragiele en kwetsbare economie te beschermen, sterker te maken en verder te ontwikkelen. Er is daarom bewust gekozen voor het bepalen van onze positie in de nieuwe ontwikkelingen in de wereld die niet voorbij gaan aan Suriname.

Wij zullen als natie in 1998 deel worden waar dat nog niet het geval is, deel zijn en deel blijven van deze ontwikkelingen.

De completering van de intergratie in de regio en de intensieve cooperatie met de buurlanden en andere waarachtige bevriende mogendheden in de regio de America's in Azie, Afrika en Europa zullen in 1998 meer vorm en inhoud krijgen.

Planning

Binnen de planstructuur zal in het kader van de nationale planning als pikante bijzonderheid in 1998 een Centraal Planorgaan worden ingesteld. Een orgaan dat zich onder meer zal bezighouden met beleidsstructuur ter beheersing van de conjunctuur in een periode van economisch herstel op basis van economische doelstellingen zoals evenwicht op de betalingsbalans, stabiel prijspeil, rechtvaardig inkomensverdeling, de werkgelegenheid en bevredigende economische groei.

Met behulp van een beleid ondersteunend opgesteld centraal economisch plan kan het regeringsbeleid op economisch, sociaal en financieel gebied een handvat gegeven worden voor de onder bouwing en coördinatie terzake.

Specifieke taken zijn onder andere:

a. het voorbereiden van een door de regering vast te stellen centraaleconomisch plan;

b. het uitbrengen van adviezen over algemene vraagstukken.

Staatsfinancien

De lopende staatsuitgaven zijn in 1997 sterk gestegen, vooral vanwege de recente salarisverhogingen en de sociale uitkeringen, terwijl de overheid bovendien uit de lopende staatsinkomsten een deel van de woningbouw en de bruggenbouw heeft gefinancierd. De lopende staatsinkomsten zijn echter nauwelijks toegenomen, zodat de hogere uitgaven hebben geleid tot vergroting van de lopende staatsfinancieel tekort. Dit tekort is echter conform het begrotingsbeleid neutraal gefinancierd door middel van binnen- en buitenlandse leningen zodat er hierdoor geen inflatoire effect. De hogere staatsuitgaven zullen in 1998 moeten worden gedekt door stijging van de staatsinkomsten.

Het fiscaal beleid zal derhalve in het komend jaar in hoofdzaak gericht zijn op verhoging van de staatsinkomsten door middel van:

a. een betere inning van de belastingen;

b. invoering van de Algemene Omzetbelasting per 1 februari 1998;

c. verhoging van accijnzen op tabak en alcohol;

d. verhoging van staatsinkomsten uit de goudsector en de bauxietsector;

e. verhoging van de winsten van staatsbedrijven, inkomsten uit domeinen en dergelijke.

Het beleid van neutrale financiering van het staatstekort door middel van externe financiering zal ook in 1998 worden voortgezet. Dit beleid is in hoofdzaak gericht op beheersing van de inflatie en daarbij op handhaving van de koopkracht van de Surinaamse gulden. De inflatie gedurende 1997 wordt geschat op 8 procent, op basis van het prijsindexcijfer voor gezinsconsumptie. Voor 1998 wordt een inflatie van dezelfde omvang verwacht.

Besparingen en investeringen

De binnenlandse besparingen zijn ontoereikend voor de financiering van de nodige binnenlandse investeringen. Het beleid van uitbreiding en diversificatie van de externe financiering door middel van toenemende directe buitenlandse investeringen, in het bijzonder in de mijnbouw en bosbouwsector, en door middel van toenemende multilaterale leningen voor publieke investeringen zal daarom worden voortgezet.

In dit verband zijn vooral van belang:

1. De uitbreiding van de goudwinning, aardoliewinning onshore en offshore, de bauxietwinning, de houtwinning en de verwerking van deze grondstoffen door buitenlandse particuliere investeringen.

2. de benutting van de mogelijkheden welke de Inter-amerikaanse Bank, de Islamitische ontwikkelingsbank, en de Europese Unie bieden, en onze aanvragen voor lidmaatschap van de Inter-american Investment Corporation en de Caribbean Development Bank. De regering heeft in dit verband reeds een voorstel gedaan aan De Nationale Assemblee om het leningenplafond van de overheid te verhogen.

3. Tevens zal de bilaterale financiering worden voortgezet en voorzover mogelijk zal deze worden uitgebreid.

In 1997 werden de volgende fiscale maatregelen genomen ter ondersteuning van produktiebedrijven en ter bevordering van investeringen.

* vrijstelling van invoerrechten voor grondstoffen en halffabrikaten;

* opheffing van de solidariteitsheffing van 10 procent van de winst;

* verlaging van de rentetarieven ondermeer door middel van het produktiefonds.

Verdere verlaging van de rentetarieven voor produktieve investeringen ten behoeve van de sociale woningbouw zal in 1998 worden nagestreefd.

Hierbij zal externe financiering ondersteunend werken. In 1998 zullen de mogelijkheden voor externe financiering voor bedrijfsinvesteringen voor nationale bedrijven verder worden uitgebreid via: de Islamitische ontwikkelingsbank, ons lidmaatschap van de MIGA, benutting van diverse bilaterale Export-Importbank faciliteiten, de Inter-american investment Corporation, en de Europese Investeringsbank.

In 1998 zal tevens de nieuwe investeringswet worden ingevoerd ter bevordering van particuliere investeringen, in het bijzonder vanuit het buitenland.

Herstructurering van staatsbedrijven

De regering is voornemens de aantal staatsbedrijven te rationaliseren. Hierbij zijn vooral de landbouw-, bosbouw- en banksector van belang. Deze staatsbedrijven zullen, evenals de staatsbedrijven in de energiesector, worden geherstructureerd met het oog op verhoging van de productie en de efficiëntie.

Hervorming Financiële sector

In het komend jaar zullen ordening van de financiële sector en voortzetting van het monetaire beleid belangrijke peilers zijn van het overheidsbeleid. De Centrale Bank zal hierbij een leidende rol vervullen. De voorgenomen acties betreffen in het bijzonder:

1. Herstructurering, sanering, privatisering en versterking van de staatsbank;

2. Wijziging van bancaire wetgeving welke ten dele in concept gereed is. Hierbij zijn van belang;

a. vervanging van de Bankwet van 1956, waarbij tevens een nieuwe Deviezenwet hierin wordt geïncorporeerd;

b. invoering van een nieuwe wet op Verzekeringsinstellingen en Pensioenfondsen;

c. herziening van de Wet Toezicht Bank- en Kredietwezen;

d. Invoering van een nieuwe Wet op de Effectenhandel;

e. Herziening van de Grondwet.

3. Voortzetting van het monetaire beleid o.a. gericht op beteugeling van de inflatie en verhoging van rentetarieven, waarbij de peilers zijn:

a. beperking van het staatstekort en verzekering van de neutrale financiering hiervan;

b. het voorkomen van overschrijdingen van de aan banken verleende kredietplafond;

c. het zoveel mogelijk in stand houden van de koopkracht van de Surinaamse gulden, waarbij het verschil tussen de parallelmarktkoers en de officiële koers minder dan 10 procent zal bedragen, terwijl de omvang van de parallelmarkt verder zal moeten afnemen;

d. uitbreiding van de externe financiering.

Vanwege de succesvolle aanzet in 1997 ten aanzien van de bovenaangehaalde maatregelen en doelen, en de voorgenomen acties in 1998, ziet de regering het komend financieel jaar met vertrouwen tegemoet.

Voor wat betreft de sector bosbouw, zullen belangrijke projecten ter versterking van zowel de infrastructuur alsook het beleid- en uitvoerend kader van de Dienst Lands Bosbeheer van start gaan. Hierdoor verwachten wij reeds in de eerste helft van 1998 een drastische en tevens structurele verbetering van het beheer van onze kostbare bossen.

Hiermede zal verder inhoud gegeven worden aan een van de voornaamste doelen van de regering om tot een economische significante, maar vooral beheersbaar en verantwoorde ontwikkeling van onze bosbouwkundige hulpbronnen te komen.

Alle inspanningen zijn erop gericht om reeds vroeg in het komend jaar de rehabilitatie van de infrastructuur in de bosbouwgebieden, met name de vele wegen, bruggen en boswachtersposten, die alle veelal door verwaarlozing van ons binnenland verloren zijn gegaan, stevig ter hand te nemen. Dit alles moet zowel voor de verbeterde houtproductie als voor het verbeterde bosbeheer, van enorm belang worden geacht.

In 1998 zal de regering het proces van rationalisering en privatisering van Bruynzeel en van Surinam Timber, afronden, waardoor forse investeringen in de houtwinning en in de houtverwerking gepleegd zullen kunnen worden, en de gewenste bijdrage aan de vergroting van ons nationaal inkomen en van onze werkgelegenheid alswel van onze export verwacht mogen worden, naast het bereiken van overige regeringsdoelen zoals de participatie in de economische ontwikkeling door de binnenlandse bevolking in de meer gelijkmatige spreiding van economische activiteiten over ons gehele land.

Natuurbeheer en natuurbescherming zullen de implementatie van diverse reeds voorbereide projecten, ingegeven door projecten, ingegeven door verdieping van de inzichten terzake, een duurzame en moderne basis verkrijgen.

De toepassing van de hierbij benodigde geavanceerde technologieën, zal in het komend jaar in ruime mate plaatsvinden.

Kort samengevat kan worden gesteld, dat na een jaar van doortastende voorbereidingen, het voor ons liggend jaar een doorbraak zal brengen in de reeds lang durende situatie van in-effectief bosbeheer en van stagnerende bosbouw-ontwikkeling.

Er zal een pad geopend worden naar de doelmatige, verantwoorde en duurzame benutting van onze natuurlijke hulpbron bos.

Wat onze natuurlijke hulpbron aardolie betreft werden in het nu bijna afgelopen jaar twee mijlpalen bereikt. Op de eerste plaats is de olieraffinaderij afgebouwd en in gebruik genomen en op de 2e plaats werd de oliewinning gebracht op ruim 10.000 barrels per dag.

Voor het komende jaar is het beleid erop gericht om op voortvarende wijze de olieproductie per dag zoveel als mogelijk te verdubbelen en in elk geval binnen 3 jaar te komen tot een dagproduktie van minstens 40.000 barrels. Dit betekent dat de aardoliewinning zowel offshore, krachtig aangepakt zal worden door middel van de wijziging c.q. aanpassing van onze petroleumwet van 1990 en van de voering en afronding van onderhandelingen vanuit verscheidene gerenommeerde buitenlandse partners.

Alleen al de enorme groei van onze aardoliesector, zal duurzaam bijdragen tot versterking van onze nationale economie, waarbij genoeg ruimte zal zijn ontstaan voor ons volk om mede te profiteren op een betekenisvolle manier van zijn eigen nationale rijkdommen.

Ondanks de grote van de goudprijs op de internationale markt, vooral vanwege de monetaire crisis in de toonaangevende Aziatische economieen, kunnen wij met onze ruime goudvoorkomens, hoopvol gestemd blijven.

Vooral de regeling van de klein-mijnbouw, welke reeds is aangevangen en voortgezet zal worden, zal ons als Natie aanmerkelijk verdiensten opleveren, terwijl velen gedurende lange termijn werkgelegenheid en goede inkomsten uit deze sector zullen verkrijgen.

De groot-mijnbouw, waar buitenlandse mijn actief zijn, zal in dat komend jaar, ondanks enige stagnatie door de val van de goudprijs later in het weer volgens gemaakte plannen, kunnen voortgaan en groeien.

Bijzondere aandacht zal door de regering besteed worden aan de bauxietsector, opdat deze sector haar houtactiviteit zal behouden om een vergrote bijdrage te kunnen leveren voor onze economie, die zich overigens in dit jaar eindelijk zal gaan bewijzen over meer "schrijven" en dus niet meer een kurk zal drijven.

De energie-sector zal onmiddellijk op energieke wijze getransformeerd worden, opdat energie en stroomvoorziening in ruime mate, al in het komend jaar ter beschikking moet zijn voor de individuele huishoudens, tegen betaalbare tarieven en vooral ook voor de grote economie en industriële ontwikkeling, waartoe wij reeds in het komend jaar een nadrukkelijke aanvraag zullen maken.

Ter optimalisering van onze energie-voorraad zal in versneld tempo de onderhandeling met buitenlandse investeerders aangepakt worden, opdat onze enorme energie potenties effectief ontwikkeld kunnen worden en onze energie-bedrijven nationaal-doelmatig op dit groter en moderner geheel kunnen inspelen. De grootte schaarste aan bouwrijpe kavels ter bebouwing en bewoning zal dit jaar aangepakt worden.

Minstens twee projecten te weten Geyersvlijt en Hanna's Lust zullen bouwrijp gemaakt worden, waardoor weer ruimte ontstaat om bouwkavels toe te wijzen aan de velen die hiervoor in aanmerking komen.

Ook hierdoor zal dus een belangrijke bijdrage geleverd worden ter leniging van de woning-nood en dus ter vergroting van de bestaanszekerheid van ons volk.

In het jaar 1998 zal verder gegaan moeten worden met intensiveren van de beleidsactiviteiten ten aanzien van de hoofd-prioriteiten naar de productieontwikkeling en de garantie voor de minimale bestaanszekerheid voor iedere burger namelijk: de volksgezondheid, het onderwijs, de basisgoederen, de individuele veiligheid van de burger, de leefbaarheid van de woningbouw.

Landgenoten,

Het uiteindelijk doel dat wij als individu en/of maatschappelijke groepen ongeacht onze verschillen in opvatting met elkaar gemeen hebben de vooruitgang en geluk van ons land en van ons volk.

Als staatshoofd van de Republiek Suriname draag ik de overtuiging dat alleen het volk gebundeld op basis van haar werkelijke belangen en met de oprechte bedoeling dit land tot ontwikkeling te brengen, in staat zal zijn een proces van vrede, ontwikkeling en wederopbouw op gang te brengen, in gang te houden en in de realisatie van ons algemeen doel moet omslaan.

Landgenoten,

De toekomst van Suriname en het Surinaamse volk hebben wij in eigen hand. Laten wij alvast met elkaar indachtig de inhoud en bedoeling van mijn nieuwjaarsboodschap voor het jaar 1998 voor Suriname een situatie scheppen die zicht geeft op een Suriname, waarin de kwaliteit van het leven en welzijn voor iedere Surinamer gewaarborgd is, naast welvaart van de natie als geheel.

Wij kunnen deze uitdaging aan, omdat wij Surinamers zijn en een grenzeloze liefde voor land en volk hebben.

Landgenoten,

Het licht dat onze harten met kerst heeft mogen verblijden moge getuigen van een genade van de Almachtige en laten wij Hem vragen onze harten te verschonen en met vrede en levenskracht te vernieuwen, opdat we een nieuwe basis weten te leggen voor een vernieuwd vertrouwen in elkaar, in ons land en in onze toekomst.

Landgenoten,

Het allerbeste aan u allen en ook u allen toegewenst in 1998.

God zij met ons Suriname.

Ik dank U.