GRIFFIE VAN HET HOF VAN JUSTITIE VAN SURINAME
Alhier.
-------------------------Uw kenmerk Uw brief van Ons kenmerk Datum
Onderwerp: P.No.326(u) Paramaribo, 11 juli 1998.
Excellentie,
De Vice-President en de hierna te noemen Leden en leden-plaatsvervanger van het Hof van Justitie op 16 juli 1998 in vergadering bijeen:
1. hebben kennis genomen van de brief van de Minister van Justitie d.d. 14 juli 1998, gericht aan de Vice President van het Hof van Justitie en bevattende de mededeling dat de Regering heeft besloten om per ingaande 15 juli 1998 het lid van het Hof van Justitie, de heer Mr. A.C. Veldema, te benoemen tot President van het Hof van Justitie;
2. hebben kennis genomen van berichten in de pers omtrent de eedsaflegging door Mr. Veldema in verband met voormelde benoeming;
3. hebben geconstateerd dat de Regering in verband met deze benoeming geen advies van het Hof van Justitie heeft ingewonnen, hoewel artikel 141 lid 2 juncto artikel 133 lid 3 van de Grondwet voorschrijft dat een dergelijke benoeming geschiedt na advies van het Hof van Justitie;
4. hebben besloten:
a. om hierbij ernstig te protesteren tegen deze schending van de Grondwet;
b. om, in verband met het voorgaande, niet mede te werken aan de installatie van de benoemde funktionaris en op geen enkele wijze met hem samen te werken;
c. afschrift van dit schrijven te verzenden aan:
a. De Nationale Assemblee;
b. De Minister van Justitie en Politie;
c. Mr.A.C.VELDEMA;
d. De Orde van Advokaten;
e. De Vereniging van Advokaten.
Hoogachtend,
1. Mr.J.R.Von Niesewand, Vice-President.
2. Mr.S.Gangaram Panday, Lid.
3. Mr.E.S.Ombre, Lid.
4. Mr.A.I.Ramnewash, Lid.
5. Mr.P.G.Wolff, Lid.
6. Mr.K.Pultoo, Lid.
7. Mr.M.G.De Miranda, Lid-plaatsvervanger.
8. Mr.A.A.Hermelijn, Lid-plaatsvervanger.
9. Mr. L .J. BudhuLall, Lid-plaatsvervanger.
10.Mr.Drs.C.C.L.A.Valstein-Montnor, Lid-plaatsvervanger.
GRIFFIE VAN HET HOF VAN JUSTITIE VAN SURINAME
Aan: De President van de Republiek Suriname
Alhier.
-------------------------
Uw kenmerk Uw brief van Ons kenmerk Datum
Onderwerp: P.No.327(u) Paramaribo, 11 juli 1998.
Excellentie,
De Vice-President en de hierna te noemen leden en leden-plaatsvervanger van het Hof van Justitie op 16 juli 1998 in vergadering bijeen:
1. Hebben aangehoord het verslag van de Vice-President met betrekking tot het ontvangen van een telefonische uitnodiging op 14 juli j.l. van het Kabinet van de President van de Republiek Suriname om op woensdag 15 juli d.a.v. aanwezig te zijn bij de eedsaflegging door Mr.H.N.Rozenblad in verband met haar beëdiging tot Procureur-Generaal;
2. hebben geconstateerd dat, op grond van het voorgaande gevoeglijk mag worden aangenomen dat genoemde Mr.H.N.Rozenblad door de regering is benoemd tot Procureur- Generaal bij het Hof van Justitie:
hebben voorts vastgesteld dat die benoeming heeft plaatsgevonden zonder dat het van het Hof gevraagd advies is afgewacht, hoewel artikel 141 lid 2 jo 133 art.3 van de Grondwet voorschrijft dat een dergelijke benoeming geschiedt na advies van het Hof van Justitie;
3. hebben besloten:
a. om hierbij ernstig te protesteren tegen deze schending
van de Grondwet;
b. om, in verband met bet voorgaande, niet mede te werken
aan de installatie van de benoemde funktionaris en op geen
enkele wijze met haar samen te werken;
c:. afschrift van dit schrijven te verzenden aan:
a. De Nationale Assemblee;
b. De Minister van Justitie en Politie;
c. Mr.H.N.ROZENBLAD;
d. De Orde van Advokaten;
e. De Vereniging van Advokaten.
Hoogachtend,
1. Mr.J.R.Von Niesewand, Vice-President
2. Mr.S.Gangaram Panday, Lid.
3. Mr.E.S.Ombre, Lid.
4. Mr.A.f.Ramnewash, Lid.
5. Mr.P.G.Wolff, Lid.
6. Mr.K.Pultoo, Lid.
7. Mr.M.G.De Miranda, Lid-plaatsvervanger.
8. Mr.A.A.Hermelijn, Lid-plaatsvervanger.
9. Mr.L.J.Budhu Lall, Lid-plaatsvervanger.
10.Mr.Drs. C. C. L. A. Valstein-Montnor, Lid-plaatsvervanger.
Paramaribo 6 oktober 1998
Aan: Zijne Excellentie Drs. J.A. WIJDENBOSCH
President van de Republiek Suriname
Alhier.
Met verwijzing naar het gesprek dat het Hof van Justitie, vertegenwoordigd door Mr. J.R. VON NIESEWAND, Vice-President, Mr. S.GANGARAM PANDAY en Mr.A.I. RAMNEWASH, leden op maandag 5 oktober 1998 jongstleden op het op Uw kabinet met U, de Vice-President, Drs. P. RADHAKISUN en de Ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie en Politie, waarbij tevens aanwezig waren, MR. A.C. VELDEMA en Mr. H.H. ROZENBLAD, heeft gehad en conform de aan U gedane toezegging, mag het Hof U hierbij het volgende mededelen.
He Hof heeft tijdens de gesprekken die in de afgelopen periode op Uw kabinet gevoerd zijn met betrekking tot de benoeming van Mr. A.C. VELDEMA tot President van het Hof van Justitie en Mr. H.H. ROZENBLAD tot Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie steeds naar voren gebracht en geargumenteerd aangetoond, dat deze benoemingen als in strijd met de Grondwet van de republiek Suriname geen enkel rechtsgevolg hebben en het Hof op grond daarvan genoemde personen niet als President van het Hof van Justitie, respectievelijk Procureur- Generaal bij het Hof van Justitie, erkent.
Voorts is het Hof het niet eens met de door de Vice-President, Drs. P. RADHAKISUN geuite mening dat betrokkenen hun functie zouden kunnen uitoefenen zonder vooraf alszodanig te zijn geïnstalleerd(vide G.B 1936.No.68)
Zoals uit het voorgaande blijkt heeft het Hof na zich nogmaals te hebben beraden geen reden om terug te komen op zijn eerder ingenomen standpunt.
Hoogachtend
1. Mr. J.R. VON NIESEWAND Vice-President
2. Mr. SH. GANGARAM PANDAY Lid
3. Mr. E. S. OMBRE Lid
4. Mr. A.I. RAMNEWASH Lid
5. Mr.P.G. WOLF Lid
6. Mr. W.R. WILLEMZORG Lid
7. Mr. K. PULTOO Lid
8. Mr. M.G. DE MIRANDA Lid-plv.
9. Mr. L.J. BUDHU LALL Lid-plv.
10.Mr. A.A. HERMELIJN Lid-plv.(uitlandig) en
11.Mr. C.C.L.A. VALSTEIN-MONTNOR Lid-plv.
Aan: de President van de Republiek Suriname.
Paramaribo, 16 oktober 1998.
Op donderdag 15 oktober 1998 zijn op de Griffie van het Hof van Justitie drie functionarissen- volgens zeggen in opdracht van de Overste Linscheer van de Centrale Inlichtingendienst- verschenen- naar hun zeggen- in opdracht van de Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie.
Bedoelde functionarissen hebben de sloten op de deuren van mijn werkkamer, waarin in zich geheime en officieel aan mij overgedragen stukken bevinden, verwijderd en door anderen vervangen, waardoor ik als rechtmatig benoemde Vice-President van het Hof van Justitie, tevens waarnemend President, geen toegang meer heb. Een en ander geschiedde buiten mijn medeweten.
Hierbij stel ik U van het voorgaande op de hoogte en teken namens het Hof van Justitie ernstig protest aan tegen deze gang van zaken, welke neerkomt op een aanslag op de behoorlijke voortgang van de rechtspleging de daardoor een inbreuk op de rechtsstaat vormt.
Ik verzoek U dan ook op heel korte termijn maatregelen te treffen opdat
aan deze schending een eind wordt gemaakt.
De Vice-President van het Hof van Justitie.
Mr. J.R. Von Niesewand
GRIFFIE VAN HET HOF VAN JUSTITIE VAN SURINAME
16-10-98
Aan: De voorzitter van de Nationale Assemblee
Alhier
------------
Mede namens de leden en leden-plaatsvervanger van het Hof van Justitie
c.q. het Hof van Justitie heb ik de eer, Uw aandacht te vragen voor het
volgende. Op donderdag, 15 oktober 1998 gaf een mijner collega's mij op
de Griffie der Kantongerechten telefonisch door, dat, naar hem was bericht
enkele personen op de Griffie van het Hof van Justitie bezig waren de sloten
op de deuren, die toegang verschaffen tot de kamer van de President die
in mijn hoedanigheid van als Wnd.President als mijn werkkamer dienst deed
te verwijderen en door andere te vervangen. Ik maakte daarop gelijk, telefonisch
contact met de Griffier van het Hof van Justitie die mij tijdens het gesprek
met hem bevestigde wat mijn collega mij had doorgegeven. Op mijn verzoek
heb ik door tussenkomst van de Griffier van het Hof een der personen aan
de telefoon gehad, die mij desgevraagd zei, dat hij, Wip geheten, samen
met nog twee andere collega's van hem, in opdracht van Overste Linscheer
zich naar de Griffie van het Hof moesten begeven om aldaar enkele werkzaamheden
te verrichten. Ik heb mij na, het gesprek met meergenoemde heer Wip begeven
naar de Griffie van het Hof van Justitie en ter plaatse aangekomen trof
ik twee agenten van politie aan van wie ik tijdens het daarop volgend gesprek
met hen begrepen heb dat zij zich in opdracht van de Procureur-Generaal
naar de Griffie van het Hof moesten begeven om er op toe te zien dat alles
richtig verliep.
De heren van de Centrale Inlichtingendienst hebben, en dit is later ook bevestigd door het personeel van de Griffie van het Hof, de sloten op de deuren van mijn werkkamer, waarin zich onder meer geheime en officieel aan mij overgedragen stukken bevinden, verwijderd en door andere vervangen, waardoor ik als rechtmatig benoemde Vice-President van het Hof van Justitie tevens Waarnemend-President, geren toegang meer tor die kamer heb. Een en ander vond plaats buiten mijn medeweten om en zonder mijn toestemming. Ik stel U hierbij van het voorgaande op de hoogte en teken namens de leden en leden plaatsvervanger van het Hof van Justitie ernstig protest aan tegen deze gang van zaken, welke neerkomt op een aanslag op de behoorlijke rechtspleging en daardoor een inbreuk op de rechtsstaat vormt.
De Vice-President van het Hof van Justitie
(Mr. J.R. VON NIESEWAND)
Aan: de Heer Drs. J.A. Wijdenbosch
President van de Republiek Suriname
Alhier
Mijnheer de President,
Ondergetekenden hebben via publiciteitsmedia kennis genomen van hetgeen U en de minister van Justitie en Politie op de persconferentie van donderdag 22 oktober 1998, hebben verklaard.
Bij de vorenbedoelde gelegenheid heeft U onder andere naar voren gebracht als zouden leden van het Hof, buiten hun collega's om, bij U erop hebben aangedrongen hen tot President van het Hof te benoemen. Dit wordt door ondergetekenden ten stelligste tegengesproken.
De mededeling van de minister Justitie en politie op de persconferentie als zou de Vice-President van het Hof de schriftelijke bevestiging van het advies over de benoemingen van de Procureur-Generaal niet hebben doen plaatsvinden, omdat door hem aan de vice-President was medegedeeld dat deze niet in aanmerking was gekomen voor de benoeming tot President van het Hof, wordt op grond van de ondergetekenden bekende feiten, als insinuerend en van elke grond ontbloot van de hand gewezen.
Ondergetekenden, allen leden van de Rechtelijke Macht met rechtspraak
belast, spreken hun misnoegen erover uit dat hierboven bedoelde uitspraken
zijn gedaan en wel tijdens een dergelijke openbare gelegenheid en ook over
de wijze waarop die uitspraken zijn gedaan.
Hoogachtend,
Mr. J.R. von Niesewand, Vice-President
Mr. Sh. Gangaram Panday, Lid
Mr. E.S. Ombre, Lid
Mr. A.I. Ramnewash, Lid
Mr. P.G. Wolf, Lid
Mr. R.W. Wilemszorg, Lid
Mr. K. Pultoo, Lid
Mr. M.G. de Miranda, Lid-Plaatsvervanger
Mr. L.J. Budhu Lall, Lid-Plaatsvervanger
Mr. A.A. Hermelijn, Lid-Plaatsvervanger
Mr. C.C.L.A. Valstein-Montnor, Lid-Plaatsvervanger
c.c.
1. De nationale Assemblee
2. De Orde van Advocaten
3. De vereniging van Advocaten
4. De Jonge Balie
5. Het Dagblad " De West"
6. Het Ochtendblad" De Ware tijd".
Aan: de President van de Republiek Suriname
drs. J.A. Wijdenbosch
ALHIER.
Paramaribo, 17 juli 1998.
Mijnheer de President,
De ondergetekenden, allen advokaten bij het Hof van Justitie van Suriname, brengen naar aanleiding van de benoeming van Mr. A.C. Veldema tot President van het Hof van Justitie en van mr. H.N. Rozenblad tot Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie, het navolgende dringend onder uw aandacht:
IN AANMERKING NEMENDE:
1. dat ingevolge het bepaalde in artikel 141 lid 2 jo artikel 133 lid 3 van de Grondwet de benoeming van de President, de Vice-president, de leden en de ledenplaatsvervangers van het Hof van Justitie en de Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie, geschiedt door de Regering, na advies van het Hof van Justitie. Deze benoeming geschiedt voor de President, de Vice-president, de leden van het Hof van Justitie en de Procureur-Generaal voor het leven.
2. dat mr. A.C. Veldema is benoemd tot President van het Hof van Justitie en mr. H.N. Rozenblad tot Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie, ZONDER DAT ADVIES IS UITGEBRACHT DOOR HET HOF VAN JUSTITIE.
3. dat doordat geen advies is uitgebracht het Hof van Justitie niet in de gelegenheid is gesteld om eventuele bezwaren tegen de benoemingen aan te tekenen.
4. dat het Hof van Justitie ook vooraf geen kennis droeg van de op handen zijnde benoemingen en zij derhalve ook geen andere gelegenheid heeft gehad eventuele bezwaren tegen de benoemingen in te brengen. De Waarnemend President van het Hof van Justitie is pas de dag voor de beëdiging - de implementatie van de benoemingen - van beide functionarissen telefonisch op de hoogte gesteld en uitgenodigd ter bijwoning van de beëdiging, terwijl advokaten zulks via de media te weten zijn gekomen.
5. dat temeer daar het bij deze om benoemingen bij de Rechterlijke Macht gaat, de Regering ter waarborging van de onafhankelijkheid van dit orgaan, juist de nodige zorgvuldigheid in acht had behoren te nemen en conform de Grondwet had behoren te handelen, hetgeen zij in beide gevallen nagelaten heeft. De geheimzinnige wijze- en de manier waarop de beide benoemingen en beedigingen hebben plaatsgevonden, impliceren tevens een volstrekte miskenning door de Regering van de taak en de funktie van de Rechterlijke Macht in de samenleving.
Het onafhankelijke karakter van de rechtspleging is door deze handelwijze van de Regering ernstig in gevaar gebracht.
6. dat de rechtszekerheid een der hoofdpeilers is van een beschaafde samenleving en democratische rechtsstaat, terwijl handhaving daarvan en vertrouwen daarin ondenkbaar zijn, zonder het bestaan van een onafhankelijke rechterlijke macht.
7. dat het aanzien en het respect voor beide functies door de handelwijze van de Regering bovendien heel ernstig is geschonden.
8. dat door deze benoemingen er in de samenleving grote ongerustheid is ontstaan, terwijl het vertrouwen in een onafhankelijke rechtelijke macht ernstig in gevaar is gebracht.
9. dat uit het voorgaande duidelijk is gebleken dat bij de benoeming van beide functionarissen IN STRIJD IS GEHANDELD MET DE GRONDWET en aldus de positie van de onafhankelijke Rechterlijke Macht in de samenleving is ondermijnd.
BESLUIT:
1. ERNSTIGE afkeuring uit te spreken over de wijze van benoeming van mr. A.C. Veldema tot President van het Hof van Justitie en mr. H.N. Rozenblad tot Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie.
2. GROTE BEZORGDHEID uit te spreken over de GROVE AANTASTING van de rechtszekerheid en onafhankelijkheid van de Rechterlijke Macht in de Republiek Suriname.
3. EISEN van de Regering van de Republiek Suriname STIPTE NALEVING VAN DE GRONDWET en VERLANGEN derhalve het terugdraaien van de beide benoemingen.
Hoogachtend,
de advokaten bij het Hof van Justitie van Suriname,
(getekend door 30 advocaten)
c.c. De Nationale Assemblee
Het Hof van Justitie
De Pers
Hoofd van de Regering
Alhier.
Paramaribo, 19 Oktober 1998
Mijnheer de President,
Met grote afschuw hebben wij kennis genomen van het gebeurde op donderdag 15 oktober jl. in het gebouw van het Hof van Justitie, waarbij op gewelddadige wijze de deur van de werkkamer van de President van het Hof van Justitie is opengebroken, teneinde Mr.A.C.Veldema onrechtmatig bezit te doen nemen van deze werkkamer.
Het is ons gebleken dat zulks is geschied door personen, die ressorteren onder de Uitvoerende Macht, waarvoor U als Hoofd van de Regering, verantwoordelijk bent.
Vorenbedoelde handeling is een uitvloeisel van de benoeming door U, van Mr.A.C.Veldema tot President van het Hof van Justitie.
Bij schrijven dd. 17 juli 1998 hebben Advocaten bij het Hof van Justitie U reeds kenbaar gemaakt, dat de benoemingen van Mr.A.C.Veldema tot President van het Hof van Justitie en Mr.H.M.Rozenblad tot Procureur Generaal bij het Hof van Justitie, in strijd zijn met de Grondwet en derhalve van onwaarde zijn.
Dit standpunt onderschrijven wij nog steeds.
Wij moeten dan ook constateren, dat met bovenvermelde handeling, het bestaan van de Rechtsstaat in Suriname, wederom ernstig geweld is aangedaan.
Wij eisen dan ook van U, dat evenals de beide benoemingen, voormelde onrechtmatige inbezitneming, onmiddellijk wordt teruggedraaid.
Hoogachtend
Advocaten Vereniging Orde van Advocaten Jonge Bali
Suriname
Mr.F.Kruisland Mr. Gangaram Panday Mr. H.A.M. Essed
voorzitter ondervoorzitter coördinator
c.c.: - Hof van Justitie
Alhier
Paramaribo, 19 Oktober 1998
Edelgrootachtbare Vrouwe en Heren,
Naar aanleiding van het gebeurde in het gebouw van het Hof van Justitie op donderdag 15 oktober jl., m. n. het op gewelddadige wijze openbreken van de deur van de werkkamer van de President van het Hof van Justitie en vervolgens het onrechtmatig in bezitnemen van deze werkkamer door Mr.A.C.Veldema, berichten wij U dat wij ons geheel stellen achter Uw standpunt, dat voormelde handeling onrechtmatig is en dat die onmiddellijk ongedaan moet worden gemaakt.
Immers is door Uw Hof vastgesteld dat de benoemingen van Mr.A.C.Veldema en Mr.H.M.Rozenblad tot resp. President van het Hof van Justitie en Procureur Generaal bij bet Hof van Justitie, in strijd zijn met de Grondwet en rechtens van onwaarde.
Wij hebben dit standpunt bereids kenbaar gemaakt aan de President van de Republiek Suriname als Hoofd van de Regering, onder wiens verantwoordelijkheid gewraakte handeling moet hebben plaatsgevonden.
Een fotocopy van bedoelde brief doen wij U ingesloten toekomen.
Wij wensen hierbij nogmaals te benadrukken dat wij Uw standpunt in deze
onverkort delen en verzekeren U van onze steun in deze.
Hoogachtend,
Advocaten Vereniging Suriname Orde van Advocaten Jonge Balie
Mr.F.Kruisland Mr.G.Gangaram Panday Mr.H.A.M.Essed
De Advocaten in Suriname in Spoed Vergadering bijeen op heden woensdag 21 oktober 1998 in de Buiten Sociëteit "Het Park", ter bespreking van de ontstane situatie met betrekking tot de instandhouding van de onafhankelijkheid en de onpartijdigheid van de Rechterlijke Macht zulks in verband met de benoemingen van Mr. A.C. Veldema tot president van het Hof van Justitie in Suriname en Mr. H.M. Rozenblad tot Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie van Suriname, alsmede het op gewelddadige wijze openbreken van de deur van de werkkamer van de President van hot Hof van Justitie op 15 oktober j.L. en vervolgens het onrechtmatig inbezitnemen van deze werkkamer door Mr. A.C. Veldema.
GEHOORD
Mr. F. Kruisland, voorzitter van de Advocaten Vereniging Suriname;
Mr. G. Gangaram Panday, onder-voorzitter van de Orde van Advocaten in Suriname;
Mr. H.A.M. Essed coördinator van de Jonge Balie;
die verslag hebben uitgebracht over de bovengenoemde kwesties.
GELET op de terzake gevoerde debatten op deze vergadering.
IN AANMERKING NEMENDE:
1. Dat op 17 juli 1998 advocaten een schrijven hebben gericht aan de President van de Republiek Suriname, waarin gemotiveerd is aangegeven dat bij de benoeming van beide functionarissen in strijd is gehandeld met de Grondwet en aldus de positie van de onafhankelijke Rechterlijke Macht in de samenleving ernstig is ondermijnd.
2. Dat in voormeld schrijven grote bezorgdheid is uitgesproken over de grove aantasting van de rechtszekerheid en onafhankelijkheid van de Rechterlijke Macht in de Republiek Suriname en daarbij van de Regering is geëist STIPTE NALEVING van de GRONDWET en het terugdraaien van de beide benoemingen.
3. Dat op 19 oktober 1998 de 3 (drie) advocatenorganisaties in Suriname opnieuw een schrijven hebben gericht aan de President van de Republiek Suriname, waarin o.a. gesteld is dat met grote afschuw kennis is genomen van het gebeurde op 15 oktober. j.l. in het gebouw van het Hof van Justitie, waarbij op gewelddadige wijze de deur van de werkkamer van de President van het Hof van Justitie is opengebroken, teneinde Mr. A.C. Veldema onrechtmatig bezit te doen nemen van deze werkkamer, waardoor het bestaan van de rechtsstaat in Suriname wederom ernstig geweld is aangedaan.
4. Dat in genoemd schrijven d.d. 19 oktober 1998 aan de President van de Republiek Suriname opnieuw is geëist dat de beide benoemingen, alsmede de onrechtmatige inbezitneming onmiddellijk worden teruggedraaid.
5. Dat een afschrift van beide bovengenoemde brieven is verzonden naar DNA.
6. De confrères Mr. K. Kruisland, Mr. G. Gangaram Panday en Mr. H.A.M. Essed te machtigen alles te doen wat terzake nodig gewenst is.
7. Afschriften van deze motie te zenden naar de Pers.
8. Deze vergadering te verdagen tot donderdag 29 oktober 1998 om 13.00 uur in de Buiten Sociëteit" Het Park".
Aldus met algemene stemmen aangenomen op de Algemene Vergadering
van de Advocaten in Suriname van heden, 21 oktober 1998.
Advocaten Vereniging Orde.v.Advocaten in Suriname Jonge Balie
Suriname
Mr. F. Kruisland Mr. G. Gangaram Panday Mr. H.A.M. Essed
21 oktober 1998
Hoofd van de Regering
Alhier.
Paramaribo, 22 oktober 1998
Geachte Heer President,
Middels onze eerdere brieven resp. dd. 17 juli en 19 oktober 1998, deden wij reeds een beroep op U, de ongrondwettelijke benoemingen van Mr.A.C.Veldema en Mr.H.N.Rozenblad tot resp. President van het Hof van Justitie en Procureur Generaal bij het Hof van Justitie, terug te draaien. Dit is tot op heden uitgebleven!
Als uitvloeisel van Uw nalaten zulks te doen, kon het incident van 1 5 oktober jl. op het Hof van Justitie plaatsvinden.
Instede aan onze oproep gevolg te geven, hebben wij uit de televisie-verklaring van Uw Regeringswoordvoerder, de hr.A.Rusland, begrepen, dat U van mening bent dat de onrechtmatige inbezitname van de werkkamer van de President op het Hof van Justitie, door Mr.A.C.Veldema, met behulp van personen waar U. rechtstreeks voor verantwoordelijk bent door U wordt gerechtvaardigd.
Op grond van onze verantwoordelijkheid als mede-bewakers van de Rechtsstaat zien wij ons thans genoodzaakt U een ultimatum te stellen, om de benoemingen van Mr.A.C.Veldema en Mr.H.N. Rozenblad ongedaan te maken alsmede de daaruit voortgevloeide onrechtmatige handelingen, welk ultimatum verstrijkt op woensdag 28 oktober 1998 om 0.00 uur.
Indien U hieraan geen gevolg geeft zullen de gevolgen van alsdan door ons te nemen acties geheel voor Uw rekening zijn.
Hoogachtend,
Advocaten Vereniging Suriname Orde van Advocaten Jonge Balie
Mr.F Kruisland Mr.G. Gagaram Panday Mr.H.A.M.Essed
(voorzitter) (wnd. voorzitter) (coördinator)
cc: Hof van Justitie
de Pers
Gravenstraat
Paramaribo
Paramaribo 22 oktober 1998
Edelgrootachtbare Vrouwe,
Namens de advocatuur in Suriname vragen wij Uw aandacht voor het volgende.
Via de media hebben wij vernomen dat U door de President van de Republiek Suriname op 14 juli 1996 bent benoemd en op 15 juli 1998 bent beëdigd als Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie van Suriname.
Op 17 juli 1998 heeft de waarnemend President van het Hof van Justitie, Mr J. R. von Niesewand, ons mede gedeeld, dat boven- vermelde benoeming is geschied, zonder dat daaraan voorafgaand, het grondwettelijk voorgeschreven advies van het Hof van Justitie is afgewacht.
Op grond van het voren vermelde, heeft de advocatuur op 17 juli 1998 een schrijven gericht aan de President van de Republiek Suriname, waarin hem is medegedeeld dat bij die benoeming in strijd is gehandeld met de grondwet" en van hem "stipte naleving van de grondwet" is geëist, alsmede van hem is verlangd dat de benoeming wordt teruggedraaid.
Bij schrijven d.d. 17 juli 1998 heeft het Hof van Justitie aan de President van de Republiek aangegeven dat Uw benoeming in strijd is met de grondwet en derhalve van rechtswege nietig is en dat het Hof niet zal meewerken aan de installatie van U, als Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie.
Uit mededelingen van de Regering hebben wij begrepen dat zij een Commissie van goede diensten de gelegenheid heeft geboden, om bij te dragen aan de oplossing van het aldus ontstane constitutioneel konflikt tussen de uitvoerende macht en de rechterlijke macht in Suriname.
Daarna is tot op heden door de regering geen mededeling gedaan betreffende de oplossing van bedoeld geschil.
Ons is echter gebleken, dat U handelingen heeft verricht, in de hoedanigheid van Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie, terwijl het Hof van Justitie U heeft meegedeeld dat Uw benoeming van rechtswege nietig is en zij op grond daarvan elke samenwerking met U, optredend in voormelde hoedanigheid, weigert.
Wij konkluderen dan ook dat U de grondwet niet respekteert.
Op grond van de door ons bij onze beëdiging tot advocaat bij het Hof van Justitie afgelegde eed, zijn wij verplicht vorenbedoeld benoeming, als te zijn in strijd met de grondwet, af te wijzen en op te komen voor stipte naleving van de grondwet.
Wij delen U dan ook mede, dat wij Uw benoeming als van rechtswege nietig en van onwaarde beschouwen en derhalve handelingen door U in die hoedanigheid verricht, als te zijn onrechtmatig verricht zullen beschouwen.
Tevens doen wij een dringend beroep op U, om vrijwillig terug te treden, waardoor de uitvoerende en de rechterlijke macht de gelegenheid wordt gelaten om het door Uw benoeming ontstane constitutioneel konflikt middels dialoog op te lossen, zonder dat Uw persoon daarbij nog langer mede in het geding is.
Hoogachtend,
Advocaten Vereniging Orde van Advocaten Jonge Balie
Suriname
Mr. F. Kruisland Mr. G. Gangaram Panday Mr. H. A. M. Essed
Lid van het Hof van Justitie van Suriname
Onafhankelijkheidsplein
Paramaribo
Paramaribo 22 oktober 1998
Edelachtbare heer,
Namens de advocatuur in Suriname vragen wij Uw aandacht voor
het volgende.
Via de media hebben wij vernomen dat U door de President van de Republiek Suriname op 14 juli 1998 bent benoemd en op 15 juli 1998 bent beëdigd als President van het Hof van Justitie van Suriname.
Op 17 juli 1998 heeft de waarnemend President van het Hof van Justitie, Mr J. R. von Niesewand, ons mede gedeeld, dat bovenvermelde benoeming is geschied, zonder dat daaraan voorafgaand het grondwettelijk voorgeschreven advies aan het. Hof van Justitie is gevraagd.
Op grond van het voren vermelde, heeft de advocatuur op 17 juli 1998 een schrijven gericht aan de President van de Republiek Suriname, waarin hem is medegedeeld dat bij die benoeming "in strijd is gehandeld met de grondwet" en van hem "stipte naleving van de grondwet" is geëist, alsmede van hem is verlangd dat de benoeming wordt teruggedraaid.
Bij schrijven d.d. 17 juli 1996 heeft het Hof van Justitie aan de President van de Republiek aangegeven dat Uw benoeming in strijd is met de grondwet en derhalve van rechtswege nietig is en dat het Hof niet zal meewerken aan de installatie van U, als President van het Hof van Justitie.
Uit mededelingen van de Regering hebben wij begrepen dat zij een Commissie van goede diensten de gelegenheid heeft geboden, om bij te dragen aan de oplossing van het aldus ontstane constitutioneel konflikt tussen de Uitvoerende Macht en de Rechterlijke Macht in Suriname.
Daarna is tot op heden door de regering geen mededeling gedaan betreffende de oplossing van bedoeld geschil.
Ons is echter gebleken, dat U handelingen heeft verricht, in de hoedanigheid van President@ van het Hof van Justitie, terwijl het Hof van Justitie U heeft meegedeeld dat Uw benoeming van rechtswege nietig is en zij op grond daarvan elke samenwerking met U, optredend in voormelde hoedanigheid, weigert.
Wij konkluderen dan ook dat U de grondwet niet respekteert.
Op grond van de door ons bij onze beëdiging tot advocaat bij het Hof van Justitie afgelegde eed, zijn wij verplicht voren-
bedoelde benoeming, als te zijn in strijd met de grondwet, af te wijzen en op te komen voor stipte naleving van de grondwet.
Wij delen U dan ook mede, dat wij Uw benoeming als van rechtswege nietig en van onwaarde beschouwen en derhalve handelingen door U in die hoedanigheid verricht, als te zijn onrechtmatig verricht zullen beschouwen.
Tevens doen wij een dringend beroep op U, om vrijwillig terug te treden,
waardoor de Uitvoerende en de Rechterlijke Macht de gelegenheid wordt gelaten
om het door Uw benoeming ontstane constitutioneel konflikt, middels dialoog
op te lossen, zonder dat Uw persoon daarbij nog langer mede in het geding
is.
Hoogachtend,
Advocaten Vereniging Orde van Advocaten Jonge Balie
Suriname
Mr. F. Kruisland Mr. G. Gangaram Panday Mr. H.A.M. Essed
De volgende brief is verstuurd aan:
- Organization of American States\ Unit for the Promotion of Democracy
1889 F Street N.W.
Washington, DC. 20006
U.S.A.
- International Bar Association
271 Regent Street
London, England WlR7PA
- Inter American Bar Association
1211 Connecticut Ave., NW
Suite 202
Washington, D.C. 20036
- CARICOM
att. of: Ambassador 0. Marville Assistant Secretary General Foreign Relations
I Avenue of the Republic
Bank of Guyana Building
POBox 10827
Georgetown
Guyana
Dear Colleague,
The legal profession in Suriname, organized in three professional organizations now finds itself obliged to inform you of the extremely impaired relationships between the constitutional public bodies in Suriname. These extremely impaired relationships cause the very existence of the legal order, the rule of law and democracy to be under severe strain.
In the past months we, attorneys at law, have endeavored unsuccessfully to induce the President of Suriname Drs. J.A. Wijdenbosch - the organ of state involved - to reconsider positions taken and thereby ease the strain.
The facts:
On July 14th 1998 the President of Suriname appointed Mr. A.C. Veldema to the office of President of the High Court of Justice (the highest court of Suriname). On that same day Mrs. H.N. Rozenblad was appointed by the President of Suriname to the office of Attorney-General to the High Court of Justice (the highest public prosecutor).
in appointing these high public officials the President of Suriname violated the Constitution by disregarding
the imperative constitutional provisions, that for such appointments prior advice from the High Court of Justice is required. The constitutional provisions violated by the President of Suriname relate to the system of checks and balances between the organs of state charged with the powers of the state, and the division of those powers between them based on the doctrine of the separation of powers as imbedded in the Constitution namely:
the legislative, executive and judicial power, assigned to the Legislature, the Executive and the Judiciary respectively.
This endeavor by the Executive (the President of Suriname) to (unduly) influence the composition of the Judiciary (the High Court of Justice), and thereby the administration of justice, by violating the Constitution, has been experienced by most people in Suriname as shocking and alarming. This is even more so after consideration of the fact that several times now already the Wijdenbosch administration has been declared at fault in legal proceedings of eminent societal significance.
By writing of July 17th 1998, we, attorneys at law, have protested vigorously against the present course, and furthermore urgently demanded the reversal of both appointments.. The High Court of Justice itself has taken the position that both appointments are void and lack legal effect, and consequently refused to recognize Mr. A.C. Veldema and Mrs. H.N. Rozenblad in the office of respectively President of the High Court of Justice and Attorney-General to the High Court of Justice. Several meetings and discussions between the President of Suriname and the members of the High Court of Justice, however, still did not result in the reversal of both appointments. Quite the contrary!
On October 15, 1998, the people of Suriname were shocked by the news that the workroom designated to the President of the High Court of Justice, which was up to that time occupied by the Acting President of the High Court of Justice Mr. J. Von Niesewand, had been broken into and vacated. This break-in and vacation took place with the assistance of police officers and officers of the Central Intelligence and Security Service coming directly under the President of Suriname. After changing the doorlocks the doorkeys have been handed to Mr. A.C. Veldema.
It is therefore evident that the Wijdenbosch administration is determined to brutally force the recognition of both appointments on the High Court of Justice and our society, despite of the position taken by the High Court of Justice and in disregard of the public opinion in this matter. The Wijdenbosch administration obviously does not seem willing to reverse the controversial appointments.
The people in Suriname reacted with indignation at the brutally force displayed by the Wijdenbosch administration. This indignation resulted in a protest demonstration held on October 21th 1998. The legal profession demanded from the President of Suriname once more, by writing of October 22th 1998, to reverse the appointments, and thereby prevent the destruction of the legal order in Suriname. This time an ultimatum has been issued.
The attorneys at law in Suriname deemed it necessary that their colleagues and professional organizations outside Suriname, as well as the international organizations of which Suriname is a member, be informed of this grave situation currently existing in Suriname.
The legal profession in Suriname, organized in three professional organizations,
will continue its struggle for preservation of the rule of law and democracy
in Suriname, and hereby sincerely requests your support in their endeavor.
Paramaribo, October 28, 1998
Orde van Advocaten Advocaten Vereniging Jonge Balie
Suriname
G. Gangaram Panday F. Kruisland H. Essed
(Acting Chairman) (Chairman) (Coordinator)
- De Algemene Raad van de Nederlands Orde van Advocaten, t.a.v. de Deken Mr. P.i.M. von Schmidt auf Altenstadt
Neuhuyskade 94
2596 XM Den Haag
Nederland
- De Orde van Advocaten van de Nederlandse Antillen, t.a.v. de Deken Mr. N.G. Navarro p/a Halley Blaauw Navarro
Huize Belvedere
L.B. Smithoplein 3
Curaçao, Nederlandse Antillen
Paramaribo, 28 oktober 1998
Geachte collegae,
De advocatuur in Suriname ziet zich thans genoodzaakt om U te informeren
over de zeer ernstige verstoring in de verhoudingen tussen de staatsrechtelijke
organen in Suriname, waardoor de rechtsorde en de beleving van rechtsstaat
en democratie onder druk is komen te staan. In de afgelopen maanden hebben
wij, advocaten, zonder enig resultaat gepoogd het betreffende staatsorgaan,
de President van Suriname, Drs. J.A. Wijdenbosch, te bewegen terug te komen
op ingenomen standpunten, en zo het tij te keren doch hij heeft daaraan
geen gehoor gegeven.
De feiten
Op 14 juli 1998 is de President voornoemd ertoe overgegaan om Mr. A.C. Veldema te benoemen tot President van het Hof van Justitie (het hoogste rechtsprekend orgaan) en Mr. H.N. Rozenblad tot Procureur Generaal. De President heeft daarbij de Grondwet geschonden door het nadrukkelijk grondwettelijk voorschrift, dat voor benoemingen in deze functies voorafgaand advies van het Hof van Justitie moet worden ingewonnen, te negeren. De door de President overtreden bepalingen in de Grondwet in Suriname houden verband met het staatsrechtelijk systeem van 'checks en balances' tussen de staatsmachten, en hebben dus alles uit te staan met de scheiding van de drie staatsmachten, bestaande uit de Wetgevende, de Bestuurlijke en de Rechterlijke Macht (Trias Politica).
Het in strijd met de Grondwet door de Bestuurlijke Macht (de President) willen beïnvloeden van de samenstelling van de. Rechterlijke Macht (het Hof van Justitie), en daarmee van de rechtspraak is door vrijwel alle maatschappelijke groeperingen in Suriname als zeer schokkend en verontrustend ervaren. Dit vooral bezien tegen het licht dat de. Regering van President Wijdenbosch in de afgelopen periode bij verschillende rechtsgedingen van grote maatschappelijke betekenis in het ongelijk is gesteld.
De advocaten in Suriname hebben dan ook bij schrijven van 17 juli 1998 krachtig geprotesteerd tegen deze gang van zaken, en geëist dat beide benoemingen worden teruggedraaid.
Het Hof van Justitie in zijn geheel heeft terecht het standpunt ingenomen, dat aan deze benoemingen geen rechtsgevolg kan worden toegekend, en heeft op grond daarvan geweigerd Mr. A.C. Veldema en Mr. H.N. Rozenblad in de, functies van President van het Hof van Justitie en Procureur Generaal te erkennen.
Verschillende gesprekken tussen het Hof van Justitie en de President hebben er niet toe geleid dat de President op zijn schreden is teruggekeerd. Integendeel!
Op donderdag 15 oktober 1998 werd de Surinaamse gemeenschap opgeschrikt met het bericht dat van de afgesloten werkkamer van de President bij het Hof van Justitie, thans in gebruik bij de waarnemend President van het Hof van Justitie,
Mr. John Von Niesewand, met bijstand van politiefunctionarissen en agenten van de Centrale Inlichtingen en Veiligheidsdienst (die rechtstreeks onder de President ressorteert) de deursloten zijn verwisseld, waarna de sleutels daarvan zijn overhandigd aan Mr. A.C. Veldema.
Met dit handelen door de Regering is duidelijk komen vast te staan dat zij, dwars tegen het standpunt van het Hof van Justitie in, en met negering van de publieke opinie, met geweld de erkenning van Mr. A.C. Veldema in de functie van President van het Hof van Justitie wil opdringen aan het Hof van Justitie alsmede aan onze samenleving. De Regering is kennelijk dus niet voornemens terug te komen op de omstreden benoemingen.
De verontwaardiging in de Surinaamse samenleving over het gebeuren is buitengewoon groot, en is ondermeer tot uitdrukking gebracht in een protestdemonstratie gehouden op woensdag 21 oktober 1998.
De advocatuur heeft op 19 oktober 1998 opnieuw de President aangeschreven om terug te keren van de weg die leidt tot destructie van de rechtsorde, en heeft vervolgens bij schrijven d.d. 22 oktober 1998 daaraan een ultimatum gesteld.
De situatie is, gelet op het voorgaande, van dermate ernstige aard dat de advocatenorganisaties in Suriname hebben gemeend dat het thans noodzakelijk is om haar zusterorganisaties in het buitenland en internationale organisaties, waarvan Suriname lid is, daarover te informeren.
De advocatuur zal voortgaan in haar strijd voor behoud van de rechtsstaat
en de democratie in Suriname, en verzoekt U om daar waar mogelijk aan haar
strijd ondersteuning te geven.
Orde van Advocaten Advocatenvereniging Jonge Balie
Suriname
Gangaram Panday Mr. F. Kruisland Mr. H. Essed
(wnd. voorzitter) (voorzitter) (coördinator)
c.c.
Hof van Justitie
President van Suriname
De Nationale Assemblee